Vierhetleven.nu ( ook op de afsluitdijk)

Ik had mij weer ondergedompeld in een training persoonlijke groei. Meestal kom ik, vanwege de afstand naar Limmen in Noord Holland, de avond ervoor op het trainingscentrum aan. Dit keer had ik het plan opgevat om op de fiets te gaan. Ook dit is een reis in persoonlijke groei, want de heenreis begon heel vroeg in het donker, in de regen. De beloofde windstilte ontbrak. Er was een zwakke oostenwind en dus had ik heel irritant de wind tegen. De dag ervoor stond heel bemoedigend een zonnetje aangekondigd. Deze was er niet. Wel een dikke dichte mist, vermengd met een fijne regen douche. Het was koud en donker op het tijdstip van vertrek. Was de omgeving zo saai? Lag het aan mijn gemoedstoestand, of beleefde ik dit vooral door de weersomstandigheden?

Als fietser heb je wel snel contact. In Franeker stond ik mij nog maar net te oriënteren, of er kwam al een autochtoon naar mij toe gesneld om zijn hulp aan te bieden. Even later fietste ik begeleid door een oudere meneer door Franeker. Hij vertelde stadsgids te zijn en loodste mij met zijn interessante kennis, tergend langzaam fietsend, door de oude stadskern. Veel informatie bleef er niet bij mij hangen, wel de ontroering van het vriendelijke contact. Er werd koffie aangeboden, ik hoorde mijzelf dit aanbod afslaan, omdat mijn focus lag op doorfietsen. Ik had namelijk een missie, weliswaar op een manier alsof ik de trein moest halen en fietste dus stevig door.

Voor mij lag de Afsluitdijk. Ruim dertig kilometer uitdaging, omgeven door water. Vaak was ik hier met de auto overheen geraasd en nu beleefde ik het in de door mijzelf opgelegde vertraging. Een bijzondere ervaring, zo alleen op het fietspad naast al het voorbij razende verkeer. We waren met zovelen op deze weg en toch was ik alleen.

Er waren zero fietsers op het fietspad. De meeste gedachten over ‘gisteren en morgen’ waren weggewaaid. Op het moment dat ik mij dit realiseerde dacht ik aan mijn achterstallig werk, of ik niet te laat op plaats van bestemming zou komen en andere uit het ‘Nu’ gedachten. Ik probeerde de cadans van mijn meditatieve staat weer op te pakken. ‘shit, alweer een wegomlegging’, dacht ik slachtofferachtig. De vrouwen gps stem riep alleen maar ‘ga terug naar de route’ en alle vriendelijke mensen zaten uiteraard wel lekker warm binnen. Bij Alkmaar hielden aanduidingen naar Limmen plotseling op en werden vervangen door plaatsnamen terug.

Hongerklap, vermoeidheid, achterdocht, kou, vermengd met een verbetenheid om de finish te halen hielden het ritme van de pedalen gaande. De ingeschakelde moderne hulplijnen van de app, met bemoedigende antwoorden als ‘ je kan het’ en ‘je bent er bijna kanjer’ gaven weer meer energie. Mijn ego had dit blijkbaar even nodig. ‘De kracht van taal en intentie’, bedacht ik heel filosofisch en verkleumd. Mijn eigen optimistische slogan ‘kou is een keuze’ , werkte niet meer voor mijzelf.

Groepsgenote Monique vertelde over haar vierhetleven.nu project. Geen zweverig gedoe, aldus Monique. Wel het leven volop durven nemen met alles erop en eraan, vooral inclusief je eigen angsten. Als je maar vanuit je hart leeft. ‘Dank je Monique’ , dacht ik liefdevol op de terugweg naar huis. Ik vloog in een fantastische vertraging naar huis, de tegenwind hoorde er gewoon bij.

Leestip: vierhetleven.nu ( Op instagram, van Monique Eijbergen)

Eminem I’am not afraid

Verboden wapenbezit

Tegen het eind van het jaar begint voor mij, tijdens de lange donkere avonden, langzamerhand een moment van overdenking en bezinning.
Een terugblik op muzikale hoogtepunten van het afgelopen jaar zijn voor mij een vast ritueel. Ik verheug mij altijd op het ondertussen nostalgische top 2000 ‘a GoGo’ Tv- programma. Mijn goede Limburgse vriend stuurt jaarlijks rondom kerst zijn favoriete  top tien lijst met Cd’s. Kortom, heerlijk vaste rituelen die mij als een lichtbaken door de donkerte loodsen.
In januari was ‘ Blijf bij mij’, van Ronnie Flex en Maan een grote hit.
Ik had deze maand vrij genomen en was alleen thuis. Mijn vriendin was voor enkele weken vertrokken naar donker Zuid Afrika. Het huishouden veranderde in een ‘mancave’. Alles had ik praktisch bij de hand. In de tweede week begon langzamerhand de positieve ‘vrouwen touch’ weer tot mijn bewustzijn door te dringen, wat zich uitte door de aanwezige kaarsen eens aan te steken en ‘gezellige’ schaaltjes te gebruiken, in plaats van borrelnootjes uit het zakje.
Als ultiem creatief hoogtepunt van mijn periode alleen, stuurde ik een foto van mijn alterego Antoinnette in zomers jurkje en hoge hakken naar mijn vriendin en vrienden. (Ik hoop dat deze niet op Facebook terecht is gekomen al weet ik dat niet meer zeker) Verder kabbelde januari heerlijk speels en zinloos voorbij.

De hereniging was tof. Een bijzonder fenomeen eigenlijk dat afstand ook vooral bewustwording creëert met betrekking tot het besef van wat je aan geluk hebt.
Ze vertelde over een cadeautje voor mij. Helaas was deze onschuldig blonde vrouw met de engelen uitstraling door de douanier aangehouden. Koffer moest uitgepakt worden. Mijn cadeautje werd eruit gehaald en zij werd op Schiphol door de Marechaussee overgebracht naar de intensieve gesloten verhoor afdeling. ‘Waarom zij een wapen bij zich had’?, vroegen de undercover agenten streng.
Het ogenschijnlijk onschuldige cadeautje bleek een moordwapen. Ze had nog één kans om het item te behouden. Indien bij het uit elkaar trekken van het elastiek deze zou knappen, zou het tot de categorie speelgoed behoren. Het elastiek hield helaas dapper stand en daarmee werd mijn katapult van één euro ingenomen en mocht zij voorlopig vertrekken met een boete van 350 euro. Een gedegen ( objection your Honor) brief met een uiteenzetting over het ‘moordzuchtige’ speelgoedje, waarbij alleen de zeer goede lezer tussen de regels door kon lezen om alsjeblieft je tijd beter te gaan besteden aan heftigere boevenzaken, werd verstuurd.
Pas In oktober kwam het antwoord van Justitie bij ons in de brievenbus.
27 november moet zij voorkomen ter rechtszitting op Schiphol, waarvan akte.
Ik blijf in haar geloven. Al moet ik wel bekennen dat ik haar soms onopgemerkt op afstand even observeer. Ze ziet er zo onschuldig en lief uit….
Ik stel mij er voor de zekerheid toch maar op in om alleen de donkere kerstdagen te moeten doorbrengen.
Luistertip Deadmous5 Raise your weapon

Mijn zwembad

Het was zaterdagochtend en het regende. Zelfs de altijd optimistische weerman Hajo, voorspelde voor het gehele weekend regen, variërend van miezerig tot plensbuien bij een egaal strakke donkergrijze lucht. Hij gebruikte inderdaad het woord ‘ miezerig’ . Waarschijnlijk had hij zijn dag niet.
‘Hierdoor laat ik mij niet uit het veld slaan’, dacht ik optimistisch, want vandaag was ik van plan om in de tuin te werken. Er zou een groot stuk van ons grasveld omgespit worden, om een moestuin te starten. Eerst waren we al bekeerd tot het eten van alleen nog biologisch vlees, vervolgens waren we gestopt om het huis te verwarmen op gas en met koken op gas, waarvoor een flinke voorraad zonnepanelen waren aangeschaft.
In de planning stond nog het inruilen van de diesel- voor een elektrische auto. Alleen stoppen met de open haard en houtkachel ging mij te ver. ‘Minder met het vliegtuig gaan’, bedacht ik ter compensatie van mijn vurige hobby om zoveel mogelijk hout te stoken. In de winter om er warmpjes bij te zitten en zomers voor de sfeer, gezelligheid en om de muggen op afstand te houden.

Ik raakte een waterleiding, de buurhonden begonnen te huilen, de sompige klei was niet om door te komen. Ik moest nog steeds de beloofde boodschappen doen in verband met het bezoek van vanavond. Ik moest steeds denken aan de reclame waarbij de zorgvuldig verbouwde groenten door de slakken waren opgegeten, een hint om vooral je verse groenten bij de Jumbo te halen.
Ondertussen was ik doorweekt, want ik vertikte het om zo’n handige , maar fout regenpak van de ANWB aan te trekken.
‘Mijn sokken zijn in ieder geval nog droog’, dacht ik, totdat er een klomp verdween in het door mij te diep gegraven gat en in het koude water verdween.
Ik voelde een lichte paniek opkomen en besloot tot een korte pauze met warme thee. Het werd een borrel, vooral ‘om op te warmen’.
Al mijn hulpbronnen werden nu ingezet;
Accepteren van dat wat er is, het besef dat ik het ergste punt had bereikt, vanaf hier kon het alleen maar beter worden. Ook stimuleerde een eerdere uitspraak van een buurman mij, dat ik te moeilijk leefde en niet zoveel overal over moest nadenken, maar gewoon moest leven en doen.
Opeens wist ik het, een eureka gevoel kwam uit de zware diepgrijze lucht als een heldere bliksemschicht naar mij toe gesneld. Het bleek hulp uit onverwachtse hoek en met een intense onoverwinnelijke glimlach besloot ik tot het graven van een zwembad. Het waren precies de afmetingen van de geplande moestuin, dus dit kon geen toeval meer zijn!
Geen geklooi meer met een jaarlijks op te zetten en af te breken plastic zwembad, waarin je toch alleen maar heel zielig mini korte rondjes kon spartelen.
Ik zag het helemaal voor mij, een prachtig ruim, verwarmd en verlicht zwembad, waarin we ook op miezerige dagen als vandaag heerlijk konden genieten. Mijn vriendin duikt met een sierlijke aanloop in het diepblauwe water. Met haar mooie natte blonde haren achterover en strak lichaam komt ze in slowmotion naar mij in het water toe gezwommen. Ik zit op de rand van het zwembad al klaar met een fles Moét a Chadon 1989 en twee glazen. Ze kust mij en zegt hoe gelukkig ze is. ‘Dank je wel dat je dit plan hebt doorgezet’, fluistert ze in mijn oor en we toasten op het leven en de liefde.

Ruw wordt ik uit mijn mijmeringen opgeschrikt, de huilende honden blijkt het geluid van mijn vriendin. Of ik wel snel,  zoals beloofd,  NU die boodschappen wil gaan doen. Ik heb nog een half uur.
Het leek mij beter om mijn schitterend plan nog even voor mij te houden.

Luistertip: Eric Clapton, the sky is crying

Waar blijft de tijd – Reprise

Mede door de reacties op mijn laatste column over onze beschikbare tijd, bleef ik hierover nadenken. Ik kon ik niet meer goed slapen.
Inslapen ging prima, alleen werd ik vaak midden in de nacht wakker. Ondertussen was ik wel meer gewend geraakt aan het donker van het Hogeland. Mijn leven lang had ik doorgebracht in een stad. Altijd was er nog wel ergens licht. Ik probeerde terug te halen hoe ik al die jaren het donker in de stad had ervaren. Ook toen was ik wel vaker ‘s nachts na een cafébezoek naar huis gefietst, of als kind vaak diep in de nacht door mijn ouderlijk huis aan het slaapwandelen.

Ik was gewend geraakt aan de overvloedige stadslichten van de stad. Ik liet ook altijd bij vertrek in het donker lichten in huis aan, alsof ik mijn huis wou beschermen tegen het langzaam toenemende donker. Als ik diep in de nacht moest opstaan voor een sanitaire onderbreking van de slaap, viel het licht van de straat op elke verdieping uitbundig door een raam naar binnen. Op één of andere manier vond ik dat heel geruststellend, alleen realiseerde ik mij dat pas veel later toen ik de stad verruild had voor het platteland. Hier in mijn huis buiten de stad is het ‘s nachts aardedonker. Ik moest er in het begin nogal aan wennen.

Op de tast liep ik naar de woonkamer en staarde in het donkere niets. Langzamerhand werd het donker meer vertrouwd voor mij en zag ik de contouren van alle spullen in de ruimte. Door het raam zag ik de heldere sterrenhemel en de maan. Het donker werkte als een uitnodigende toegangspoort voor mijn onbewuste. Alsof mijn associatieve gedachtenstroom in de nacht meer ruimte en vrijheid voelde om alle oncontroleerbare kanten te mogen opgaan.
Ik liet mijn gedachten de vrije loop en werd verrast door spontane herinneringen aan flarden teksten uit een spannend boek die ik ooit gelezen had. Ik kon hele zinnen weer uit mijn geheugen naar boven halen. ‘In den beginne schiep God de hemel en de aarde. God zei dat er licht moest zijn en het werd licht. Hij noemde het licht Dag en het donker Nacht’. Ik deed ondertussen een lampje aan en er was licht. Ik zag dat het goed was. Zachtjes neuriede ik mee met het lied ‘all of the lights‘ van Kanye West.‘

Waarom heeft zij ons eigenlijk bedacht’, mijmerde ik.
Mijn gedachten schakelden over naar een luchtiger onderwerp, omdat ik deze puzzel toch niet 1,2,3 kon oplossen.
Ik was op mijn eigen begrafenis en fantaseerde dat mijn leven door mijn dierbaren via verhalen en muziek onder de loep genomen werd. Ik lette goed op, want misschien kon ik er nog mijn voordeel mee doen. Ik zag tot mijn geruststelling dat ze op mijn nadrukkelijk verzoek geen oubollige ‘koffie met een plakje cake’ serveerden. Kwaliteitswijnen, speciaalbier op de tap en amuses waren op mijn verzoek ruimschoots aanwezig.
Ik luisterde naar alle lieve, ontroerende, bemoedigende en confronterende verhalen, maakte een buiging voor de generaties achter mij en besloot tot een intense doorstart om het verhaal van mijn leven verder in te kleuren.

Luistertip: Spinvis Voor ik vergeet

Waar blijft de tijd

Ik was bij een concert van My Baby in de Oosterpoort te Groningen. Alles klopte. De muziek was opzwepend en swingend. De afterparty was gezellig met een dj die ons meenam met lekkere swingmuziek. De tap werd veelvuldig door ons gebruikt. Waarschijnlijk hielp dit bij de verschuiving van mijn tijdsbeleving, want plotseling was er een overdaad aan Tl verlichting, liepen er streng doch rechtvaardige beveiligers rond die ons met zachte hand richting garderobe en uitgang dirigeerden. We stonden buiten en waren er niet klaar voor om naar huis te gaan. De doorstart afterparty werd in een café verder voortgezet. Flarden van conversaties en belevenissen kwamen de volgende dag terug. Gesprekken over leven en verlies, seksuele voorkeur en spontaan armpje drukken met een stoere vrouw. Ik liet mij meeslepen in mijn ‘over the top’ overmoed van die allerlaatste borrel. Mede hierdoor liet ik het besef van tijd blijkbaar helemaal los. Het was al laat toen ik op weg was naar mijn logeerplek.

Het was heel lang geleden dat ik zolang had uitgeslapen. Het ontbijt stond voor mij klaar (ode aan de vriendschap) en deze gebruikte ik als lunch. Mijn herinneringen gingen terug naar mijn ouderlijk huis. Ik was een puber en sliep soms op de zaterdag een ‘gat in de dag’. Meestal kwam ik pas tegen twaalf uur naar beneden, waar de geuren van de zaterdagse snert en poffert mij tegemoet kwamen. Ik kon gelijk aanschuiven. Het zaterdagse ritueel van samen eten verliep altijd lekker rommelig, omdat we een eigen zaak hadden en mijn vader nog aan het werk was. De radio bleef op deze dag tijdens de maaltijd gewoon aan, meestal radio Noord.

De combinatie van funk en psychedelische klanken bracht mij achteraan in de zaal, staand op een trap, net niet in trance. Ik wilde swingen, alleen voelde het wat vervreemdend zo bovenin de concertzaal. Het liefst was ik midden in het publiek geweest om de sfeer optimaal te kunnen ondergaan. We hadden daarvoor op tijd moeten vertrekken. Ondertussen ging mijn cognitieve dissonantie strategie aan het werk, door redenen te bedenken waarom deze plek veel beter zou zijn. Het publiek was een mooie mengeling van jong en oud en ik constateerde met trots en opgepoetste ego dat mijn conditie zo goed is, dat ik makkelijk de hele nacht kon blijven staan en swingen.

Opeens was tijdens het concert dat onbestemde ‘alles gaat voorbij’ blues gevoel er weer. Misschien kwam het omdat ik ondertussen veruit de oudste van het gezelschap was, of raakte de muziek mij. Ik ben weliswaar de jongste uit mijn ouderlijk gezin, alleen de tijd is ondertussen nogal verschoven. Mijn ouders leven niet meer, mijn kinderen zijn jongvolwassenen geworden. Ik keek om mij heen en realiseerde mij dat waarschijnlijk alle aanwezigen op bepaalde momenten zich bezighouden met het voortschrijden van de tijd en het ouder worden. Oftewel het onomkeerbare van je eigen beperkte tijd. Alleen was dit niet bepaald een tof moment om mij bezig te houden met mijn eigen sterfelijkheid.

My baby zong een liedje van Bob Dylan en flarden van zijn verschillende teksten schoten door mij heen. ‘Its not dark yet, but its getting there’, somberde ik. Was ik mij even sterk bewust van tijd, of had de tijd mijn bewustzijn aangeraakt? Alsof het zo moet zijn las ik deze week een artikel over het optimaal om kunnen gaan met de tijd. De aanhef ‘Wat is jouw relatie met tijd? Zie je de tijd als een vijand, of als een vriend’? Ik liet dit voorlopig even los en hield mij bezig met de terugkerende vraag of de klok straks een uur vooruit, of achteruit moest worden gezet. Langer licht of eerder donker? Het bleek‘ terugzetten’, waardoor ik een langer weekend had en de tijd even mijn vriend werd.

Luistertip : Bob Dylan Workingman’s blues

Brief uit de toekomst

Afgelopen weekend gingen we met een platbodem zeilen op de Waddenzee.
De verwachtingen waren hooggespannen. Een weekend zeilend doorbrengend op zee, naar Vlieland, culinaire smulpartijen, theaterachtige uitdagingen, gezelligheid en wijnproeverijen.
Het blijkt dat het geluid en deining van de golven een rustgevend en soms hypnotiserend effect hebben. Het weer was nog net op het nippertje fantastisch, omdat wij dat wilden. We bevonden ons op de rand van rustig herfstweer met een nazomers tintje en de definitieve diepe herfstkou periode, welke pas na ons avontuur het roer zou overnemen.

De groep was maanden geleden al zorgvuldig samengesteld, waarvan wij dachten dat het een match zou zijn. Bijzonder was het om de lijst van onze vrienden en familie, zonder hun medeweten, bij langs te gaan. De meetlat betrof naast een inschatting met betrekking tot de groepsmatch, ook de mate van sportiviteit en ‘spartaanse instelling’.
We leerden vrienden en familie nog beter kennen bij een resoluut ‘nee bedankt’ om 48 uur met elkaar in en om een zeilschip te bivakkeren met hutten, waarbij enig klim – en klauterwerk gedaan moest worden, alvorens min of meer horizontaal liggend de nacht door te kunnen brengen. Ook moet je tegen groepen en gebrek aan privacy kunnen. Niet iedereen vond dit een aantrekkelijk aanbod.
Er waren enkele prille liefdes stellen aanwezig, waardoor het ‘love boot gehalte’ behoorlijk steeg. De sfeer in de groep was relaxed. Eros zorgde voor diepgaande verbindingen in onze groep. Mooi was dat de individualiteit bij ieder groepslid op de voorgrond stond, waardoor er geen ’zo doen wij dat nou eenmaal’ sfeer aanwezig was.

Afgelopen voorjaar had ik bij een festival een kaart mogen tekenen en deze voorzien van een tekst. Het was een brief aan mijzelf uit de toekomst, bedoelt om pas maanden later thuisbezorgd te krijgen. De kaart vergeet je uiteindelijk toch en op de dag van ontvangst werd ik verrast door post van en voor mijzelf. Ik werd door mijzelf gefeliciteerd met het behaalde succes van een marathon die ik bij het schrijven nog niet had gelopen. Het is echt kicken om zo’n boodschap uit het verleden over de toekomst, die al weer verleden tijd is, te mogen ontvangen.
Hierdoor geïnspireerd las ik het gezelschap bij de start van het zeilweekend voor wat we allemaal in de komende dagen hadden gedaan en hoe we het weekend beleefd hadden.
Het had iets magisch om de toekomst alvast te hebben voorgesteld. ‘Eigenlijk zou ik hiervan een dagelijks ritueel moeten maken’, bedacht ik mij. Een positieve kleuring van de dag die nog voor mij ligt.
Ook al ben ik een gezelligheidsmens, een paar dagen in een groep is voor mij altijd het maximum. Dit heeft meer te maken met mijzelf want, ik regel, wil alles overzien, coördineer, entertain, overdrijf en ben overal. De gelukshormonen draaien overuren, want ik geniet met volle overgave van alle lieve mensen om mij heen en slaap heb ik in deze gemoedstoestand nagenoeg niet nodig. (Denk ik elke keer weer.)

De slaap heb ik ondertussen alweer ingehaald. Met een hoofd en hart vol met mooie herinneringen en mogelijkheden om keer op keer mooie mooie belevenissen te creëren.

Luistertip:

Sail away Robert Gray

Klimaat ( verandering)

Ik was aan het chillen in onze tuin op deze extreem warme zomerse zaterdagochtend halverwege oktober. In mijn zomerse kleding, (ontbloot bovenlichaam, korte broek en gympies) genoot ik volop van het warme weer. De tuin gaf wel overduidelijk aan dat het allang herfst was, een deken van bladeren en een slagveld van gevallen appels lagen verspreid rondom de fruitbomen. Het regende ook doorlopend appels uit de prachtige voluptueuze appelboom. Ik was met mijn herfst klus bezig om de gevallen appels te sorteren op gaaf, tot gekneusd in verband met de behoorlijke afstand die de spontaan losgelaten appels moesten overbruggen van hoog richting grasveld. Slechts eenmaal was ik hard geraakt door een naar beneden suizende appel. Zoals een imker niet bang is voor zijn bijen, zo had ik een warme band opgebouwd met mijn appelboom. Hoog in de boom had ik een paradijselijk gevoel, al die prachtige volle roodgekleurde appels in overvloed binnen handbereik.
Ik keek naar de strak blauwe lucht, veroorzaakt door rayleigh verstrooiing van zonlicht. Ik was plots getuige van een overweldigend grote zwerm vogels, die ondanks het aanhoudende mooie weer, toch maar met elkaar hadden afgesproken om te vertrekken richting het zuiden.
Ik had gegoogeld wat de levensduur van de mug is, want ik was weer eens in de afgelopen nacht een aantal keren gestoken door mijn vijand; de mug.
Het prachtige weer had voor mij dus wel een keerzijde, want de muggen waren er nog steeds, of opnieuw. Ik wist nu dat de gemiddelde levensduur van de mug slechts twee weken is. De volgende generaties muggen wisten mijn lichaam alweer te vinden. Ik ken geen ander insect/ diersoort, inclusief homo sapiens, die zo ruw en ongevraagd bezit van mijn lichaam neemt.
Geen buur en boer was op het moment het land aan het bewerken, dus genoot ik hoog boven in mijn boom nog even van de absolute stilte.
‘Zou het gaan sneeuwen’? In gedachten zag ik vriendelijk ogende sneeuwvlokken als manna uit de staalblauwe hemel naar beneden dwarrelen. Alle warmte weerrecords werden verbroken en dit zou misschien een nieuwe vervreemdende combi kunnen zijn.

Deze gedachtegang was ingegeven doordat ik ooit de film Melancholia van Lars von Trier had gezien, waarin heel beklemmend het einde van de wereld in beeld werd gebracht. De feestelijke zomerse bruiloft werd ruw gestoord toen het tegen alle wetmatigheden in begon te sneeuwen. Een dwingend teken dat de wereld heel erg ziek was.
‘Zover is het gelukkig nog niet’, dacht ik alhoewel de klimaat veranderingen in hoog tempo doorgaan met als gevolg een toename van natuurrampen. We zijn gelukkig de ‘trumpiaanse’ ontkenningsfase voorbij. Alleen blijven we nog steeds klooien met onze aarde.
Al somberend door mijn gedachtenassociaties daalde ik de boomladder weer af.
Ik had commentaar op de overbodige mug in onze keten terwijl de mens eigenlijk diegene is die er ‘een potje van maakt’.
Ik maakte met een ongemakkelijk gevoel een (gezellig) houtvuur ( fout!) op de veranda en las verder in mijn boek Sapiens.

Leestip: Sapiens van Yuval Noah Harari

Luistertip: Michael Jackson- Earthsong

Feest

Afgelopen weekend stond in het teken van de bruiloft. De avond ervoor was al ontspannen begonnen met een gezellig etentje in verband met een verjaardag, waarbij we met de jarige in restaurant ‘Vive la Vie’ in Groningen zaten. De naam deed het genieten van het leven eer aan. Ik zag alleen maar blije gezichten, zowel bij de mensen in de bediening, alsook bij de kok, die af en toe hoogstpersoonlijk met een stralende glimlach langs de tafeltjes liep om de sfeer, kwaliteit en de mate van tevredenheid te peilen. Deze was uitmuntend. Deze mensen hadden geen training in communicatie en klantvriendelijkheid nodig. Hier waren medewerkers die overstroomden van passie voor hun werk en dit op een ongedwongen manier en naturel overbrachten. Binnen het vijf gangen menu zaten verschillende amuses. Deze werden professioneel met uitgebreide uitleg door de ober onder de aandacht gebracht. In mijn Hogelandse onschuld kon ik op een gegeven moment alleen maar lichtelijk verbaasd uitroepen dat er zoveel ingrediënten in één kleine amuse gingen. Tot en met het einde was alles perfect. Het dessert bord was feestelijk gedecoreerd met een chocolade geschreven ’hartelijk gefeliciteerd’.

Hoe anders was ik grootgebracht, waarbij het eten gereduceerd was tot een noodzakelijk ritueel, met pannen in het midden van de uitgeklapte tafel en het grote gezin eromheen. Mijn vader hielp altijd stelselmatig elke ‘culinaire loftrompet’ om zeep. Geen woord teveel werd verspild aan voedsel. Hij had wel respect voor de kookkunsten van mijn moeder voor het grote gezin, alleen de tv kok werd smalend afgeserveerd. Door zijn oorlogstrauma’s was waarschijnlijk het ophemelen van gerechten ‘een brug te ver’ voor hem. Tijdens de bruiloft kreeg ik een déjà vu, toen allerlei amuse ‘kunstwerken’ elkaar in rap tempo afwisselden. De eigenaar van het restaurant met de ‘ster’ nam ons mee in verschillende smaaksensaties van hoog niveau.

Die middag had de ceremonie zich in een middeleeuwse ambiance afgespeeld. Ik had een ereplek gekregen rondom de grote eikenhouten tafel. Klaar voor wat komen ging zat ik aan de linkerkant van het bruidspaar, in verband met mijn rol als getuige voor mijn goede vriend die opnieuw een ‘Ja’ zou laten horen. Ook hier waren mensen met een passie, door in groot gezelschap, met behulp van de bijbehorende rituelen, elkaar het ‘jawoord’ te geven. Voor liefde in voor – en tegenspoed. De ogenschijnlijk voorspelbare rituelen raakten mij op een onverwachts moment, vlak na het zetten van mijn handtekening. Hier fonkelde de liefde, te midden van mensen in ontroering. Ik zag handen ineengestrengeld, tranen, een hand op een schouder. Herinneringen aan gezamenlijke avonturen flitsten in een split second aan mij voorbij.

Liefde, leven en eindigheid bleven even in mijn hoofd ronddansen. Flarden van een songtekst namen mij mee naar ooit; ‘First he touched on love, then he touched on death’. Ik ademde rustig uit en de zachte namiddagzon kwam als een geconcentreerde lichtstraal via het hoge glas in lood raam naar binnen en verwarmde het hart van alle aanwezigen. Dit was een moment van betovering.

Zachtjes neuriede ik Leonard Cohen zijn ‘Dance me to the end of love’ en liep richting de zon.

Luistertip:  Ray Lamontagne Shelter

De bril en de kunst van acceptatie

De tijd dat een bril nogal suf was ligt heel ver achter ons. Misschien dat er nog een beetje sneue gevoelens bovenkomen, indien een klein peutertje al een bril moet dragen. Vooral met een lui oog, waarvoor een lapje voor het oog zit. De compassie is dan meer om het feit dat de ogen klaarblijkelijk zo jong al minder zijn, dan dat het om het esthetische aspect gaat. Brillen zijn nu ‘hot’ en hoe extravaganter, hoe beter. Al moet ik wel zeggen dat de vierkante brilleglazen met de afmetingen van een hoofd, bij mij minder goedkeurende instemming krijgt. Ik associeer dit met de jaren zeventig, Nana Mouskoeri en een zekere mate van truttigheid.

Ik was vroeger nogal geïntegreerd door de bril. Ik heb herinneringen aan de kerkdienst, waarbij er een dominee was die heel speels met zijn bril omging. Elke keer als hij zijn betoog kracht bij wou zetten, ging de bril met een zwierige zwaai af. Ook werd bij overpeinzingen één brilpootje als een verlengstuk van zijn overpeinzingen in de mond genomen. Ik vond dit nogal cool en oefende deze houdingen met mijn zonnebril. Ergens in mijn veertiger jaren besloot ik dat het toch handig (en verstandig) was om een leesbril aan te schaffen. Ik kreeg nogal vermoeide ogen, wanneer ik de gehele dag op mijn werk al het leeswerk zonder leesbril deed. Ik kocht bij een opticien een echte (en dure) leesbril en was deze vervolgens binnen een week alweer kwijt. Nu ruim tien jaar verder heb ik nog steeds geen vaste eigen bril. In feite ben ik net zo als mijn vriendin; ik raak ze altijd kwijt.

Hetzelfde met sokken. In mijn mannen huishouding periode had ik een fantastische oplossing om nooit sokken kwijt te raken; ik gooide ze ineengestrengeld in de wasmachine en op deze manier bleven de paren altijd bij elkaar. Omdat samenleven ook compromissen sluiten betekent, gaan de sokken nu los in de wasmachine, met als gevolg dat de stapel sokken zonder bijpassende sok steeds groter wordt. Om niet avonden saai en min of meer zinloos sorteerwerk te doen, koop ik af en toe sokken in allerlei kleuren en toch blijft het probleem van de toenemende onvindbare bijpassende sokken bestaan.

Eerder kreeg ik op mijn werk nog wel eens een compliment met betrekking tot mijn bril keuze. ’Nieuwe bril?, leuk hoor’, hoorde ik dan een beetje wazig aan. Iedereen weet nu zo langzamerhand dat ik geen bril identificatie heb. Om de paar maanden koop ik een dozijn brillen bij de drogist. Ook deze raken steeds weer kwijt, of missen een pootje, omdat mijn vriendin de gewoonte heeft om tijdens gesprekken en of overpeinzingen de bril aan één pootje vast te houden en fors ronddraaiende bewegingen te maken. Ik ben er nog niet achter of dit gepaard gaat met een bepaalde stemming, of een gewoonte is geworden.

Het is net zoiets als het zinloos gebruik van stopwoordjes. Vaak is de gebruiker zich hiervan in het geheel niet bewust. Op mijn werk wordt de tussenvoegsel ’zeg maar’ opvallend vaak tijdens de conversatie door een collega gebruikt. Onbewust nemen anderen dit over en is het gebruik van ‘zeg maar’, zeg maar behoorlijk toegenomen tijdens vergaderingen door verschillende collega’s.

Terug naar de bril; hoe leuk ze ook worden voorgesteld, ik blijf er een dubbel gevoel over houden. De aanschaf van een bril wordt vaak oneindig lang uitgesteld totdat de lezer het boek op armlengte afstand houdt en moet bekennen voor zichzelf dat de ouderdomsverschijnselen toeslaan. Het is een proces van acceptatie, leuker kunnen we het niet maken……

Luistertip:  The Script If you could see me now

Social Run

Ik zat opgesloten in een busje met zeven vreemden. We gingen 48 uur met elkaar doorbrengen om 555 km te hardlopen voor een goed doel, namelijk lopen om stigma tegen te gaan voor mensen met psychiatrische/ psychische problemen. Dit was het moment van de waarheid. Ik wist niet of mijn lichaam en geest het aankon. In het begin werden er beleefdheden uitgewisseld en waren de conversaties redelijk normaal. De stemming ging snel naar een hoger level, want de sensatiegevoelens van wat ging komen kwam steeds meer op de voorgrond te staan, naarmate we bij de Start te Soesterberg aankwamen. Bij het startschot vertrok onze andere ploeg van zeven om de eerste 55 km al estafette hardlopend te nemen. Na het uitzwaaien werden wij weer in het busje geduwd en reden naar onze eerste rustplaats, om de andere ploeg op te wachten om straks af te lossen. Het vervreemdingseffect en de desoriëntatie begon bij mij nu al toe te slaan. Ik had mij niet echt goed voorbereid met betrekking tot de route. Ik had de laatste twee weken mijn conditie nog enigszins op een hoger level gebracht door bij het opstaan en in de avond korte afstanden te lopen. De mevrouw van het weerbericht had uitgelegd dat een depressie met enthousiaste regenbuien de komende 48 uur over ons land zou trekken. Ze beloofde daarna weer beter weer.

Het maakte allemaal niet meer uit. De knop ging om, de deur van het busje schoof open en de geboorte van de run was een feit. Het was nacht, het was koud, de regen kletste naar beneden. Ik probeerde er eerst nog tussendoor te lopen en alweer ging een knop om. Ik was één geworden met de regen. Busje in en busje uit. We probeerden ons de vastgestelde volgorde van loper 1 tm 6 in te prenten. Ons leven was een loop- , wacht -, drink- , bijna slaap en een euforische woordenbrij geworden. Binnen de eerste 24 uur waren er al chaotische toestanden ontstaan van min of meer samen eten, slapen, de route markeren met excessief plas en poepgedrag. In al het zang, vecht, loop, lach, gil, doorgaan, liggen en weer opstaan gedrag waren daar als een baken van rust de chauffeur, de dienende kaartlezer en de zen fietser.

Onze fietser was de personal coach en menig groepsgenoot deelde zijn diepste geheimen tijdens de nachtelijke afstanden met deze stabiele rots in de branding. Onze chauffeur zijn leven en missie bestond momenteel alleen om ons op exact de juiste plek te droppen en op te vangen. Met een duizelingwekkende koelbloedigheid trotseerde hij verkeersuitdagingen door over fietspaden te rijden, trottoirs te nemen, te slalommen op snelwegen, voortuintjes te doorkruisen en als het moest auto’s aan de kant te duwen en dit alles met een dusdanige ijzeren vastberadenheid dat de politie zich beleefd en onderdanig afzijdig hield. Fantastisch vond ik het dat deze held en vrachtwagen- cowboy, heel bekwaam en rustig zijn shaggie rolde en heerlijk ging roken te midden van al dit hysterisch gezonde leefstijlgedoe. Diep respect voor de eigen weg die deze man bewandelde. Ik zou bijna vanuit dit respect mee gaan roken, als ik niet mijn eigen monomane missie had om binnen 48 uur de afstand te overbruggen.

Hoogtepunt was mijn loop in het donker over de Afsluitdijk. Het was er zo intens mooi!! Een wereld omringd door alleen water. Deze beleving was niet goed uit te leggen. Dit bleek namelijk uit de reactie van een vriendin die zich niet kon voorstellen dat iemand zo idolaat kon zijn over een recht stuk asfaltweg van 35 kilometer met links voortrazende auto’s en rechts een dijk die het uitzicht op zee ontnam. Waarschijnlijk had de manisch ontremde toestand, vermengd met euforie mede door een heftige slaapdeprivatie en het plotseling opduiken van mijn partner daar midden op die mystieke Afsluitdijk een rol gespeeld in mijn beleving van het voor mij mooiste stukje Nederland; De Afsluitdijk.

Luistertip: Pink Floyd Run like hell