Angelique en de opheffingsuitverkoop

Afgelopen week fietste ik in Groningen over de Paterswoldseweg richting mijn werk en zag naast het fietspad, ter hoogte van slagerij Heuker, Angelique met enkele oranje kledingtassen van de Van Kalker Damesmode winkel lopen. Deze winkel is speciaal gericht op ouderen en sluit na zeventig jaar, omdat het koopgedrag van de consument ondertussen behoorlijk zou zijn veranderd, aldus de aankondiging.

Een jaar geleden had ik haar ook al bij toeval gezien, toen ze haar vijftigste verjaardag met haar familie in de tuinen van Borg Ewsum had gevierd. Het was een warme zomerse dag, waarvan er nog vele zouden volgen.
Ik weet niet of ze mij toen ook gezien had, al weet ik uit ervaring dat het net doen of je de ander niet ziet, bijna altijd wederzijds is.
Nu kennen we elkaar ook niet goed en het scheelde weer een plichtmatig semi geïnteresseerd praatje. Zijdelings komt zij wel altijd weer voorbij in mijn leven. Zo weet ik ook dat zij lid is van de Tehuisgemeente van de Nederlands gereformeerde kerk, waar mijn schoonmoeder ook lid van is. Het echtpaar van Van Kalker Damesmode hoort ook bij deze kerk. In het voorbijfietsen las ik nog net het bord ‘totale leegverkoop’ bij de Damesmode winkel.

‘Alles is tijdelijk en de enige constante is verandering’ bedacht ik mij vanuit mijn filosofische stemming en trapte stevig door de kille vroege ochtend tegenwind heen. ‘Wat een bijzonder tijdstip voor winkelen op een maandagochtend 07.30 uur’ bedacht ik mij opeens en was daarmee weer terug bij Angelique.

Mijn aanname was dat zij bij de familie Van Kalker had gelogeerd en een voorraad dames mode kleding ivm de opheffing had meegekregen. Ook was het mogelijk dat ze voor haar werk er nog even langsgegaan was. Ze kenden elkaar waarschijnlijk goed. Ik wist ook dat beide dames lid waren van de christelijke vrouwenbond en afgelopen zomer naar het congres The Needle, in Krkjajacretsu waren geweest om workshops over Stikken, Naden en Zomen, Ruches, Rimpelen en Plooien te volgen.

Mijn schoonmoeder had ook nog overwogen om te gaan, echter koos zij er toch voor om dat weekend boterkoeken voor ons te bakken. Zij is namelijk de specialist op dit gebied    (receptuur geheim) en steeds meer familieleden en andere belangstellenden doen een bestelling, tegen een passende vergoeding, bij haar. Eens had ze met mij overlegd om dit diep bewaarde boterkoek recept van ontelbare generaties terug, aan ons te overhandigen. Ooit was het door haar in één van haar eerste hard kaft boekhoudschriften vastgelegd, omdat ze bang was om de meest essentiële ingrediënten op een gegeven moment te gaan vergeten.
Zij wist van onze plannen om thuis op het Hoge Land een culinaire tuin- eetwinkel te beginnen. De voorbereidingen voor een mega grote pizza steenoven in de tuin waren ondertussen al in voorbereiding. De combinatie van haar geheime recept en jarenlange expertise in het bakken gecombineerd met onze ‘koken op vuur’ experience zou zonder twijfel gezamenlijk tot ongekende culinaire hoogten gaan leiden.

Ondertussen hebben we al een kluis aangeschaft en ingemetseld in een tussenruimte van ons oude vroeg twintigste eeuw Hogelandse anti Neogotische bouwstijl voorhuis. Het recept (inclusief boekhoudschrift) hebben we met een passend ‘boterkoek en champagne’ ritueel in de muurkluis gelegd. De zware plaatstalen deur ging met een zware klik dicht en kondigde hiermee een nieuw tijdperk aan. ‘Nu de code wel blijven onthouden’, dacht ik een beetje zenuwachtig geworden voor de verantwoordelijkheid, omdat ik mede de beschermheer was geworden van dit mooie familiegeheim.

Ik concentreerde mij op de gelijkwaardige kruising op de hoek van de Paterswoldseweg en Peizerweg en knikte in het voorbijgaan vriendelijk naar Angelique. Ik was bijna op mijn plaats van bestemming.

Luistertip: Don’t go away, Sweetbox

Surprise!

Geïnspireerd door het verhaal van Angelique, de verzonnen personage die in Tonies columns haar persoonlijk leven via haar dagboek met ons deelt, had mijn partner samen met enkele familieleden en vrienden bedacht om mijn zestigste in ons dorpshuis in zestiger jaren stijl te gaan vieren. Het was bedoeld als een mix van plagerige theatrale truttigheid, verklede speelsheid en serieuze aandacht voor dit moment, waarvan ik had besloten dit in mini comité te vieren. Oftewel, ik wilde het liever aan mij voorbij laten gaan.
De weken ervoor werden gedicteerd door list en bedrog, zo bleek later. Er waren meerdere keren appjes geweest dat ze nog even een klusje in de stad moest doen, of een vriendin tegen was gekomen waarmee ze nog even ging borrelen en andere verzonnen tijdsbestedingen. Ook mijn kinderen en vrienden logen en bedrogen. Alles om het ‘project’ tot in de puntjes te regelen. Het liegen was haar opvallend goed afgegaan, zo gaf zij later met lichte verbazing toe. Hiermee werd ik ongewild mee geëvalueerd, als diegene die wel heel erg te goede trouw was, op het randje van naïviteit.
In de aanloop naar het moment surpreme werden flessen en kratten drankvoorraad overal in en rond het huis verstopt, ook  onder het bankje in de sauna. Dat ik in de week voor het feest vrij plotseling nog een sauna ‘deed’, had tot gevolg dat de kratten bier onbedoeld mee op 80C werden verhit.

Dat je niet ziet, wat je niet verwacht of kent werd die zaterdagmiddag bij het dorpshuis voor mij weer opnieuw duidelijk.
De marsmuziek die gelijktijdig bij het uitstappen uit de auto over het dorpsplein schalde, de grote groep verklede mensen die voor het dorpshuis stonden; ik zag het nog steeds als vrolijkheden die niets met mij te maken hadden.
Ernaartoe lopend, wilde ik zelfs nog een foto van het tafereel maken om net te doen alsof deze onbekende groep daar voor mij stond, totdat ik in het tafereel langzaamaan tot mijn verbijstering steeds meer herkenning begon te zien. Tijdens de laatste langzame meters richting dorpshuis verschoof alles van contemplatie naar emotie. Het was alsof ik even los stond van mijzelf, vergelijkbaar met het zien van een film in slowmotion, waarin ik blijkbaar toch een hoofdrol speelde.
Ik kende het alleen van feelgood- films, waarin je als kijker wist dat de jarige persoon (laten we haar Angelique noemen) een beetje moe en chagrijnig van weer een gelijkmatige, saaie en voorspelbare dag op het werk naar huis gaat. Niemand op haar werk had aan haar verjaardag gedacht, zelfs haar moeder had die ochtend niet gebeld. Teleurgesteld komt zij thuis. De sleutel gaat in het slot, de deur open en vanuit het donker schopt ze haar knellende schoenen uit. De poes was er dit keer niet, wat wel bijzonder was. Op het moment dat ze het lichtknopje aandoet, schalt er een joviaal ‘surprise’ door de ruimte, compleet met discolampen, ballonnen, haar favoriete collega’s, moeder en ooms en tantes. Haar moeder ontlaadde haar eigen spanning door als eerste naar de aangeslagen Angelique toe te lopen en haar in een te innige omhelzing mee te nemen naar haar eigen perceptie van haar kind die allang niet meer bestond.

‘Kun je zien wat je niet kent’, evalueerde ik achteraf. Het had lang geduurd voordat ik in de groep mijn dierbaren herkende, terwijl zij er allemaal wel stonden. Normaal gesproken herken je de ander op afstand al aan het silhouet en deze afstand was niet meer dan tien meter geweest.
Het verhaal gaat dat de indianen van Amerika de schepen van Columbus niet zagen aankomen, terwijl deze naar het vasteland kwamen. Uiteraard moeten ze wel iets hebben gezien, alleen duurde het even voordat de hersenen hebben verwerkt en doorgegeven dat er ‘iets’ is wat je nog nooit eerder hebt gezien.
Ik geniet nog even na van mijn ‘surprise’ en geïnspireerd om ‘surprises’ te organiseren.

Wees alert, morgen kan het bij jou zijn.

Luistertip Not myself, John Mayer

De vertraging

Ik keek naar de weerspiegeling van de ondergaande zon in het slibrijke water bij de Afsluitdijk. Ik was weer onderweg naar mijn opleidingsinstituut, om mij onder te dompelen in zelfreflectie en het aanscherpen van mijn observatievermogen. Dit alles om een goede trainer te kunnen worden.
De laatste uren voor mijn vertrek voelde ik mij nogal onrustig. Het avontuurlijke gevoel was plotseling helemaal weg en vervangen door het onbestemde buikgevoel die zwaar was ondanks de zonnige dag. Ik was alleen thuis en observeerde als gevolg van mijn gemoedstoestand plotseling nogal wat achterstallig huishoudelijk werk. Normaal gesproken kan ik rommel in huis, zoals stapels nog op te vouwen wasgoed, vaat in gootsteen, nog te verwerken post en andere ‘to do’ dingen, heel goed negeren en loslaten. Dit keer lukte het mij niet. Ik kon het nog niet goed duiden en haastte mij om zo snel als mogelijk mijn tas in te pakken, om met terugtrekkende bewegingen alle benodigdheden voor de komende dagen in de auto te deponeren.
Pas in de auto, waarbij het dichtslaan van het portier de geluiden buitensloot en het ronken van de motor een startschot was voor mijn vertrek, voelde ik mij rustiger worden en traceerde plotseling waar het onbestemde gevoel vandaan kwam.
‘Waar ben ik eigenlijk mee bezig’ , dacht ik peinzend. Net had ik onder liefdevolle dwang van mijn vrienden en familie mijn zestigste gevierd en daarmee was ik een drempel overgegaan. Niemand had mij gewaarschuwd voor de inzichten die zich vanaf dat moment aan je openbaren. Deze waren met flitsen en in dromen tot mij gekomen. Een interne stem had mij opnieuw oude wijsheden ingefluisterd, zoals het genieten of accepteren van wat je nu hebt, om pas van daaruit keuzes te maken en niet andersom.
Ik vroeg mij af wat de reden was om steeds weer met de toekomst bezig te zijn, alsof het Nu niet goed genoeg was.
Ik besloot alle voornemens los te laten en de vertraging in te gaan.
Het concert van de sympathieke Canadees Trevor Alguire in het huiskamer café Westerwijtwerd had hierbij de vrijdagavond ervoor al een handje geholpen. In het rijtje minder bekende singer songwriters had deze folk zanger uitgebreid de tijd genomen om tussen de songs door zijn uitgebreide familie verhalen met ons te delen.
‘Moet ik dit allemaal horen’ en ‘wat een eerlijk ontroerende verhalen’ gedachten wisselden zich met compassie vermengd met ongeduld zich in rap tempo af. Het concert ging na het hoogtepunt nog te lang door. Was het een tekort aan timing? Hij zat in ieder geval in zijn vertraging, opgegaan in zijn moment. Helaas verloor hij daarmee uiteindelijk contact. Tenminste met mij. En ja, wie zijn probleem was dat nu eigenlijk?
Geheel onthaast reed ik na drie dagen ‘s avonds via de Afsluitdijk weer terug naar huis. Op weg naar mijn lief, op weg naar een nachtrust, op weg naar het dagelijkse ritme.
Alsof ik een waarschuwing van ‘het hogere’ kreeg, stokte en pruttelde de motor van de Alhambra en kwam abrupt tot stilstand aan een drukke weg. Ik was ondertussen alweer twee dagen aan het werk en op weg naar mijn regio team en was niet helemaal ontspannen, de vertraging was even ver te zoeken.
Na een uur wachten, inclusief ‘verplicht’ onthaasten, arriveerde Hans van de ANWB. Hij checkte iets met een apparaatje, deed een soort van ‘aflezen van het systeem’ en gaf vervolgens met een hamer een tik exact op de juiste plek en het essentiële klepje kwam daarmee weer in beweging.
‘Bij de mens is de button om getrickerd te worden altijd snel gevonden’ dacht ik en mijmerde over ook een button voor directe oplossingen bij psychische nood en vroeg mij af of het leven dan juist al zijn charme zou verliezen bij instant oplossingen. Ik koos opnieuw voor vertraging.
Luistertip: The way it is, Bruce Hornsby

Timing

Oom Harry lukte het om altijd op het verkeerde moment langs te komen. De laatste keer zaten we middenin een intiem gesprek met vrienden, omdat hun relatie was vastgelopen. Harry was een joviale man, alleen ontbrak het hem nogal aan tact en empathisch vermogen.
Ik moest al mijn competenties in de strijd gooien om hem toen niet binnen te laten.
Met zijn grote verschijning stak hij ook nog eens een kop boven mij uit, wat de subtiliteit ook niet meehielp.
‘Dus je wijst mij de deur’, baste hij en en draaide zich vervolgens abrupt om op weg naar zijn pick-up truck, terwijl hij het bosje bloemen met een resolute zwaai in de voortuin smeet. Ik heb oom Harry daarna nooit meer gezien.

Timing en aansluiten bij de ander; er is veel over geschreven. Mijn ouders vroegen op hun manier veel aandacht. Als jongetje besloot ik waarschijnlijk al heel jong om vooral bij de ander aan te sluiten. Deze intuïtie heb ik juist te danken aan mijn ouders, door het anders te willen doen. Zij hadden vanuit hun verleden ook weer redenen om het op hun manier te doen. Toch lijk ik meer op mijn ouders, dan ik mij lange tijd bewust was. Vaak zorg ik er ook wel voor om in het middelpunt van de belangstelling te staan.
‘Geen feestje zonder Roerdink’, riep mijn vader vaak en het klopt, we hebben vroeger vele gezellige feestjes gehad.
Ik moest denken aan een vroegere vriendin, die altijd met veel lawaai binnenkwam. ‘Hoe het nu werkelijk met mij ging’, vroeg ze al in de deuropening, terwijl ze met haar jas op weg naar de kapstok was.
Haar timing was op z’n zachtst gezegd nogal ver te zoeken.
Binnenkomen, begroeten, met rustige tred verder binnenkomen, rondkijken, ( eventueel complimenten geven aan de persoon en/ of de omgeving) het eventuele presentje overhandigen en nadenken over de keuzes mbt de aangeboden catering.
Vervolgens kun je verder aansluiten bij de ander en vooral belangstellend zijn.
Er is een ongeschreven regel om op bezoek vooral eerst interesse in de ander te tonen in plaats van direct je eigen verhaal over de ander uit te storten. Tenzij dit eerder of gelijk is uitgesproken uiteraard. Vragen of het uitkomt, is ook een zeer krachtige interventie.

‘Misschien een leuk idee om de kunst van op bezoek gaan in een workshop te gieten’, dacht ik enthousiast. Al is het wel verstandig om de behoefte hieraan eerst te peilen, corrigeerde ik mijzelf direct om parallelle processen te voorkomen.
Ik dacht weer aan mijn buurman Rudolf, om dit idee aan hem voor te leggen, al vreesde ik wel een beetje zijn nuchtere antwoord. Maar dat zijn natuurlijk mijn aannames. ‘ Niet invullen voor een ander’, dacht ik hoopvol.

Oom Harry had niet makkelijk geleefd. Na zijn scheiding verloor hij ook het contact met zijn kinderen. Ik had hem een paar maanden na het voorval bezocht. Heel zorgvuldig had ik dezelfde soort bloemen ( tulpen) en een fles moeselblumchen witte wijn ( Lidl, 2,99) meegenomen, waarvan ik wist dat hij dit heel lekker vond.
Gewapend met mijn vredesattributen belde ik bij hem aan. Waarschijnlijk was ik al gespot, want er werd niet open gedaan. Ik wist zeker dat hij thuis was, zijn pick-up truck stond op de oprit, er waren meerdere lichten aan en ik wist dat oom Harry zich alleen verplaatste met zijn fourwheel drive.
Ik zette de bloemen en fles voorzichtig op het gammele bankje naast de oprit. ‘Een altaar voor vrede’, dacht ik en maakte in gedachten een buiging, alsof ik aanvoelde dat dit het was.
Twee weken later bezocht ik hem. Het was een sobere dienst.
Bijna niemand van de familie, behalve gelukkig wel zijn jongste zoon Harry. Verder waren er een paar kennissen en de uitvaartverzorger. We luisterden naar zijn afscheidslied. Op zijn korte afscheidsnotitie met eigenlijk alleen praktische aandachtspunten had hij onder zijn naam ‘Laat me’, van Ramses Shaffy geschreven .
Ik plaatste een bosje tulpen en een fles moeselblumchen (drie voor tien euro, Aldi) op zijn kist, maakte een buiging en vertrok.
Oom Harry nam zijn geheimen en zijn oorlogstrauma’s met zich mee.
Op de parkeerplaats stond zijn zwarte pick-up truck.

Luistertip: Laat me, Ramses Shaffy

Leeftijdsfase vragen

Liggend op de bank overwoog ik of ik iets voor mijn naasten kon betekenen mbt levensfase vraagstukken. Naast mijn coachervaring in helpen te switchen in denken vanuit beperkende overtuigingen naar mogelijkheden, wilde ik mij ook gaan toeleggen om mensen te ondersteunen bij hun leeftijd en de daarbij behorende leeftijdsfase gebonden vragen.

Uiteraard moest ik dan wel, vond ikzelf, mijn leeftijd helemaal en in alle facetten en donkere uithoeken van de geest geaccepteerd hebben. Voorlopig leek dat nog een brug te ver, vergelijkbaar met het lopen van een halve marathon, of het beklimmen van de Mont Ventoux. Behoorlijk zwaar en met geduld,  juiste instelling en training wel te doen.
Mijn idee was om op mijn zestigste verjaardag, de ‘D day’ waarop de zes met donderend geraas naar beneden was komen rollen, met mijn selecte verjaardagsgezelschap de levensfasen onder het genot van een kwaliteitswijntje even bemoedigend door te nemen. Het werd een betoog voor een groot gezelschap, omdat er stiekem een compleet dorpshuisfeest, inclusief dorpsomroeper voor mij was georganiseerd. Mijn fantasie over een kringgesprek over dit onderwerp, ging dus niet door.
Dit woord was plotseling weer naar boven gekomen. Mijn moeder had soms van die kringgesprekken georganiseerd vanuit de vrouwenvereniging van de kerk en als zij dan aan de beurt was om als voorzitter een thema in te brengen en te begeleiden voor al die vrouwen in zeventiger jaren bloemetjes jurken en gepermanente hoofden, was ze al weken van te voren heel erg zenuwachtig en hoofdpijn gevoelig. Ik denk dat ik toen al besloten had dat ik dit anders wilde gaan doen en dat het ook leuk mag zijn om gespreksleider te zijn.
Ik dook alvast in de literatuur en zag een helder overzicht:
De twintigers die allerlei plannen hebben en ook de druk voelen om keuzes te maken, waarbij vermoeidheid, besluiteloosheid en angsten vaak op de voorgrond staan.
De dertigers waarbij de ‘is dit het nu’ vraag vaker naar boven komt, vermengd met twijfels over loopbaan koers en de ‘ik moet me toch settelen’ druk steeds meer wordt ervaren, omdat de meerderheid dit doet. Vermoeidheid, prikkelbaarheid en slaapproblemen worden in deze fase vaak ervaren.
De veertigers die steeds meer een beperkte keuzevrijheid gaan ervaren en jawel hoor, daar is ie weer terug; Het ‘is dit het nu’ gevoel van de dertigers is wederom terug, alleen dit keer met meer haastgevoelens. Positief is zeker de transformatie van is dit het nu, naar wil ik dit nog wel?!
Uiteraard gebeuren er tijdens de genoemde fasen ook een teveel om op te noemen fantastische, lieve en ontroerende gebeurtenissen des levens, alleen deze bereiken niet het hoofd kwartier van de afdeling levensfase problematiek.
Daarna wordt er alleen nog maar over de categorie vijftig plus gesproken. Alles op één hoop gegooid, alsof er vanaf vijftig geen verschillende leeftijdsfases meer zouden bestaan.
Geshockeerd legde ik het studiemateriaal aan de kant om even een rustgevend wandelingetje te ondernemen. De ‘ herfst stormen’ trotserend op de grens van winter naar voorjaar, over het overzichtelijke Hoogeland.

Ik had een taak, ik had een missie, ik had een hoger doel gevonden. Namelijk opkomen voor het categoriseren van leeftijdsfase problematiek van boven de vijftig. Het zou toch te belachelijk zijn om deze problematiek maar op één hoop te gooien? Nee, wij zestigers hebben recht op onze eigen levensfaseproblematiek, helder afgebakend tussen de vijftigers problematiek en zeventig problematiek. Ik zou dit eens even fijn op een rij gaan zetten. Eerst moest ik wel even intern reflectief onderzoek gaan doen naar het volgende;
Ik constateerde namelijk geschrokken dat ik mij als zestiger herkende in zowel de problematiek van de twintigers, dertigers en veertigers en de brokstukken van de rest categorie vijftig plus.
Ging dit separaat over mij en kon ik dit mooi als ervaringsdeskundige bij de verschillende categorieën inzetten met een hoop empathie en herkenning, of waren hiermee de contouren van de levensfase zestig in zicht gekomen? Namelijk alle gevoeligheden van alle levensfasen in één decennium bij elkaar? ‘Leuk vooruitzicht’, dacht ik een beetje opstandig.
Voorlopig is mijn concept leef advies;
‘Fuck it’ met al die levensfasen en ga gewoon helemaal lekker je eigen ding doen, inclusief in je eigen kracht staan, durf te dansen op het ritme van de dag, op je bek gaan en weer overheid krabbelen. Ik ben er altijd voor je.
Liefs Tonie

Luister en dans tip: Didge trance, hilight trance

‘Hartelijk gefeliciteerd met je zestigste Verjaardag’😎

Ik had net een appje verstuurd met de tekst dat ik er mentaal nog niet aan toe was om 16 maart mijn zestigste te gaan vieren. Als alternatief slingerde ik mijn gedachten aan een zomertuinfeest de social media in voor mijn vrienden, buren  en familie.
Was het uitstelgedrag, of had ik echt zin in een swingfeest?  Ik was er nog niet helemaal uit, al had ik er ondertussen al wel beelden bij, naar het voorbeeld van de prachtige bruiloft die wij met onze neef en nicht hier in de zomer van 2017 mochten vieren en waarvoor we met veel liefde onze tuin en woonomgeving aan het jonge bruidspaar hadden ‘afgestaan’. Er werd geswingd in het buitenhuisje, er stond een professionele tap buiten onder een alternatief afdak. Er was een grote tarp gespannen in de tuin, welke dienst deed als zonwering en diende als sfeerverhoging. Het was een magnifieke, romantische en liefdevolle dag en avond tm de tijdelijke afsluiting diep in de nacht bij het vuur met lieve mensen, schitterend weer en een stralend bruidspaar. Met deze herinneringen kreeg ik er wel zin in.
Ik keek naar buiten en zag en hoorde de maartse ‘ roert zijn staart ‘ slagregens, gecombineerd met windstoten.
Wat was dat toch met deze drempel om zestig te worden? Ik had nog nooit zo tegen een drempel opgezien. Het werd er al helemaal niet beter op toen mijn vriendin voorstelde om op de verjaardag zelf met de ( volwassen) kinderen naar de dierentuin te gaan. Ik associeerde dierentuinen sowieso al met saaie educatief verantwoorde zondagmiddag uitstapjes, bedoelt om met je jonge gezinnetje en eventueel met een opa en oma rond te lopen. Bovendien associeerde ik dierentuinen met vrijheidsbeperking en gevangenschap, met als gevolg lethargie, moedeloosheid en uitzichtloosheid. Nee, ik huiverde al bij de gedachte en de laatste keer dat wij in een dierentuin waren, was toen we mijn dementerende moeder meenamen naar een dierentuin te Leeuwarden. Dit beeld was ook niet bevorderlijk voor een blij vooruitzicht.

Fantasie en werkelijkheid begonnen teveel door elkaar te lopen. Het was begonnen als een grap, toen ik reclames (en een uitnodiging voor de griepprik!) begon te krijgen bedoeld voor vitale ouderen. Gespeeld boos reageerde ik dan via mijn columns over deze doelgroep. Echter bleek in deze humor wel een serieuze kant aanwezig te zijn, want zestig en verder, is dat nou leuk? Ik weet het oprecht niet en de categorie mensen die volop geniet van het ouder worden, wantrouw ik ook. Misschien overschreeuwen ze hun eigen diepe angsten wel. Misschien hebben ze mij iets te leren…
Ik besloot me op mijzelf te concentreren en nam mij voor om geheel onbevooroordeeld deze laatste week voor de ‘6’ met een ‘Boem Paukeslag’ zou vallen, een experiment te doen. Tijdens ontmoetingen zou ik dan onverwachts noemen dat ik zestig werd. Ik nam mij voor om scherp te observeren hoe ikzelf en de ander ( gedrag is te verklaren vanuit interactie) hierop zou reageren.
Hieronder een greep uit de ( confronterende) reacties;

Tijdens het ontbijt zei ik vanuit de ochtend stilte, ‘ik word zestig’. ‘Heb je het eindelijk geaccepteerd’, reageerde mijn vriendin en las verder in de krant. ‘Ga je het vieren?’, vroeg een collega en een vriendin reageerde met ‘Joh,….waarbij ze mij in de daarop volgende beklemmende stilte op een manier aankeek en ik een niet goed verstopte meewarige glimlach met pijnlijke trekken zag verschijnen.

Het is vrijdagavond en ik stel spontaan voor om in het nu beroemde Hotel Spoorzicht te gaan eten, een authentieke omgeving met geschiedenis, passend bij mijn zestigste. Vanmorgen vroeg ik mijn vriendin om als een soort try- out mij te feliciteren.

‘Gefeliciteerd met je zestigste’, dat klinkt niet zei ik resoluut.

Het is ook niet makkelijk voor mijn vriendin……

Liever geen bezoek, kaarten  en vooral geen bloemen. Een klein berichtje met een bemoedigende tekst van de Dalai Lama, Nelson Mandela, Toniescolumns mag wel. In de zomer ben ik wel zover…….
Luistertip:This old house, Madrugada

Mijn oudste broer

In het hier en nu leven, doelen stellen, accepteren van dat wat er is. Ik legde het artikel aan de kant. Het zijn allemaal waarheden, alleen dacht ik de laatste tijd juist veel aan vroeger. Zoals we het in de opleiding noemen, het systeem van oorsprong.

Mijn ouders leven allang niet meer en wij proberen als broers en zus met partners in ieder geval jaarlijks bij elkaar te komen. Begonnen vanuit een urgentie gevoel toen de laatste ouder kwam te overlijden. Wij waren hiermee officieel op middelbare leeftijd ‘weeskinderen’ geworden en schoven door in in de rij van familie wetmatigheden.

De gezamenlijke afspraken lukken niet altijd elk jaar, vanwege eigen levens en kinderen, volle agenda’s en afstand. De intentie is er in ieder geval wel.
Ik besloot onlangs om in mijn vroege jeugd te duiken, een onderzoek naar mijn jonge zelf en familie in de periode tot mijn tiende jaar. Deels uit nieuwsgierigheid in verband met de weinige vroege herinneringen en ook omdat ik gerichte vragen had naar aanleiding van flarden van herinneringen waar ik graag antwoorden op wilde. Ik besloot iedereen op te zoeken en had mooie en intense gesprekken over vroeger en nu tijdens wandelingen door het heuvelachtige Limburgse landschap en een café afspraak in Leeuwarden. Als laatste sprak ik op een mooie zondagmiddag met mijn oudste broer ergens in een café aan de waddenkust in Friesland. Het was een afronding van mijn duik in het verre verleden.

We hadden nooit veel contact gehad. Met de anderen deelde ik mijn passie voor muziek en sportieve evenementen zoals fietsen, wadlopen en wandelen. Mijn oudste broer heeft niets met sport en muziek, al weet ik dat laatste niet zeker. Daarmee misten we al een mogelijkheid voor contact. We schelen elf jaar en mijn broer ging al heel jong het huis uit om te varen. Ik was toen vier jaar, waardoor we weinig samen opgetrokken hadden. Hij emigreerde tijdelijk en ik realiseerde mij pas veel later dat hij nog maar een jongen van negentien of twintig jaar was toen hij vertrok naar Nieuw Zeeland.
Hier zaten we dan, de oudste en de jongste van het gezin, verbonden door onze gezamenlijke familiegeschiedenis aan de stamtafel van café de zwarte Haan bij de Waddenzee herinneringen op te halen. Even werd het verre vergeten verleden van ons gezin in de zestiger jaren weer ‘tot leven gebracht’ en bijna tastbaar door zijn verhalen over onze ouders en het gezin,  in mijn geboortehuis aan de Bankastraat. Bijzonder om gebeurtenissen steeds vanuit een ander perspectief met verschillende emoties van iedereen te horen. Ik staarde uit het raam en zag het waterige zonnetje langzaam oplossen in de heiige lucht om vervolgens weg te trekken achter de dijk. ‘Niets heeft betekenis van zichzelf, behalve de betekenis die jij eraan geeft’, is zo waar, dacht ik en bestelde nog een rondje voor ons.
Vooral het gesprek over de brand van onze familiezaak in het centrum van Groningen gaf mij na vijftig jaar verrassend genoeg toch nog nieuwe informatie.
‘Dit is wat we delen’, dacht ik, terwijl ik luisterde naar zijn verhaal over onze ouders met de daarbij behorende dynamiek en familie lot. Ik keek naar mijn oudste broer; we hebben dezelfde familienaam, dezelfde ouders, totaal verschillende levens en blijven altijd met elkaar verbonden. Die middag voelde als het afronden van een een grote legpuzzel over onze familie (geschiedenis). ‘laten we weer eens een familiedag organiseren,’ besloot ik en we reden langs de dijk door het vlakke overzichtelijke landschap terug.

Luistertip : Famous blue raincoat, Leonard Cohen