Taal en het positieve eenheidsgevoel

‘Ik las laatst in één van jouw columns over een positief eenheidsgevoel en dit klopt niet’, zei de buurman nogal triomfantelijk. Hij boog zich langzaam naar mij voorover en vroeg vanachter zijn snor zo nonchalant mogelijk of er dan misschien ook een negatief eenheidsgevoel bestond.

Eenheidsgevoel zou op zich al positief zijn. Typisch voorbeeld van een pleonasme, of tautologie, zei de andere buurman vanachter zijn flesje bier, terwijl hij een handjevol pinda’s achteroversloeg. We waren met de buurt weer eens bij elkaar om een verjaardag te vieren. Omdat ik het antwoord niet gelijk paraat had en hard aan het denken was in welke column en in welke context dit geschreven was, maakte ik maar weer eens gebruik van mijn standaard antwoord in noodgevallen; ‘Goed punt, ik zal er zorgvuldig over nadenken’, antwoordde ik, terwijl ik hem bemoedigend en met een zachte blik aankeek. Hiermee had ik gelukkig even tijd gewonnen.
Taal is sowieso al lastig, het is nog een wonder dat we elkaar over het algemeen  redelijk kunnen begrijpen. De meeste struikelblokken in communicatie en dus relaties ontstaan bij het gaan nadenken- en nog erger, invullen voor een ander. Dit doen we uiteraard vanuit onze eigen overtuigingen, waarden en normen. Oftewel alle perceptie is altijd projectie, al beseft lang niet iedereen dat. ‘Dit besef zou heel veel ellende in de wereld besparen’, dacht ik en het idee voor een nieuwe politieke partij was geboren. De PiP ( perceptie is projectie) voor een vredelievend Europa.
Echt altijd totaal eerlijk zijn zou ook weer leiden tot allerlei verwarrende en minder plezierige situaties. Omdat we allemaal zo vaak sociaal wenselijke antwoorden geven, worden we steeds behoedzamer. Of we schieten door naar de andere kant. In beide gevallen wordt er niet echt geluisterd. Onlangs vroeg mijn vriendin wat ik van haar nieuwe jurk met bijbehorende schoenen vond. Binnen een seconde had ik geantwoord met een ‘Ja, heel leuk’. Waarschijnlijk antwoordde ik net te snel, waarop zij weer invulde dat ik het alleen maar zei om haar een plezier te doen en om ervan af te zijn.

De volgende avond zaten we met familie bij het eigen vuur. Ik deelde mijn taalkwestie en vroeg gelijk maar of hier sprake was van ‘ neoplasme’ wat ziekelijke weefselvorming bleek te betekenen. Ik gaf snel de hoeveelheid wijn de schuld van mijn verspreking. ‘iets met het klokje en de klepel’, dacht ik  zelfreflecterend.
Wij als denktank kwamen er die avond uit. Het sublieme voorbeeld was de Nederlander die aangekomen op een natuur camping in zuid Frankrijk een plekje krijgt aangewezen bij de groep luidruchtige Nederlanders. Een voorbeeld van tegen wil en dank te behoren bij deze groep Nederlanders. Een niet zelf gekozen eenheidsgevoel. Geen pleonasme dus. In afwachting van een reactie van de buurman,

Tonie van toniescolumns.blog en bestuursvoorzitter PIP
LuistertipDave, no words

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s