Aanspullen (Ton Modderman)

Vorig jaar zijn mijn vrouw en ik verhuisd. Van een ruim huis op het Hogeland naar een nog iets groter huis in Drenthe, waardoor we niet zo heel kritisch hebben ingepakt in de weken voorafgaand aan de dag van de verhuizing. We hadden terugkijkend last van een onuitgesproken angst dat onze meubels zouden wegvallen in de grote ruimtes van het nieuwe huis, waardoor we ook de wat oudere, niet meer heel frisse items hebben meegenomen.

Op een prachtige, zonovergoten dag in juli stond onze huisraad uitgestald in de voortuin, op de oprit en deels op de weg, wachtend tot het gehuurde vrachtwagentje met vrienden zou terugkeren vanuit onze nieuwe woonplaats voor de tweede lading. Tot mijn verbazing stopten er binnen de kortste keren fietsers en automobilisten, die vervolgens gretig wilden weten hoe duur de ronde eikenhouten tafel was en of ze de oude kerkstoeltjes zo mochten inladen. ‘Dit is geen tuinverkoop mevrouw’ hoor ik mezelf nog zeggen, ‘maar als u een bod doet wat ik niet kan weigeren wil ik er wel over nadenken’. Dat bleek geen effectieve strategie om van je spullen af te komen en dus ging diezelfde middag alles richting ons nieuwe huis, dat na de laatste lading hartstikke vol stond. De vorige bewoners waren geëmigreerd en hadden (heel lief en in goed overleg) een enorme hoeveelheid meubels achtergelaten, want dat leek ons ook wel handig.

We spoelen vooruit naar de lente van dit jaar. Het mooie weer, Koningsdag en een georganiseerd tuinverkoopevenement in ons dorp bleek de perfecte gelegenheid voor een poging om met onze huidige inzichten van een deel van onze spullen af te komen. Opnieuw stalden we in onze voortuin alles uit waarvan we in het afgelopen jaar tot de conclusie zijn gekomen dat het geen plek meer heeft in ons nieuwe huis. ‘Allemaal kwaliteit’ is mijn eerste gedachte als ik door de uitgestalde waar heenloop voordat de eerste kopers zich melden. Mijn zeer betrokken familielid bevestigt het gevoel dat we toch wel erg goede spullen te koop hebben. De dorpsgenoten moeten zich maar in de handen knijpen met zoveel moois voor een prikkie, is onze gedachte. 

De mensen die onze voortuin inlopen kijken belangstellend naar de gevulde tafels en knikken ons goedkeurend toe. Links wordt een item opgepakt, bestudeerd en weer voorzichtig neergezet, rechts wordt online een oorspronkelijke prijs geverifieerd op een mobiele telefoon. Ik kijk op mijn allervriendelijkst naar de potentiële kopers die al met een bordspel, een lamp of wat glaswerk in de hand staan; ‘nergens goedkoper’ zeg ik, ‘doe gerust een bod, we moeten er van af’. Als reactie komt er een zin die ik bij deze sneupers (Fries voor koopjesjagers) niet verwacht: ‘tsja, het is een mooi (..), maar ik héb al zoveel spullen’, waarna ze het item weer neerzetten, bedanken voor het kijken en hun weg vervolgen. Een enkeling geeft zelfs zijn of haar partner de schuld: ‘van mijn (…) mag ik niks meer kopen’. Met veel geduld en een gratis thuisbezorgservice van onszelf lukt het om van een oude Ikea slaapbank af te komen waar goede vrienden ons dringend van hadden geadviseerd die weg te doen na een nacht logeren.

Na een beperkt succesvolle verkoopdag dragen we aan het eind van de middag de overgebleven meubels, tuingereedschap en prullaria weer terug het huis in. De lichte teleurstelling dat een deel niet is verkocht zit me niet helemaal lekker. De uitspraken van die dag over te veel spullen hebben houden me bezig. Wat deden die mensen dan hier, vraag ik me af. Konden ze ondanks de overtuiging dat ze te veel spullen hebben zichzelf niet bedwingen om naar meer spullen te zoeken? Zijn ze beïnvloed door de de hype van het ontspullen? Een idee dat we met minder toe moeten kunnen en dat het bon ton is om zo weinig mogelijk bezit te hebben, om op die manier je koolstofvoetafdruk ook zo klein mogelijk te houden? Maar dat hoeft toch geen argument te zijn als je de derdehands spullen van een ander aanschaft? Of ze zelfs gratis mee kan krijgen! Is de drang om voor weinig iets waardevols te scoren niet een heel natuurlijke neiging van mensen, we zijn toch allemaal jagers-verzamelaars diep van binnen? De mensen die ik vandaag heb gezien lijken in een tweestrijd te verkeren, bedenk ik. Schaamte voor hun volle huis en schuur in een tijd van overvloed en ongelijkheid aan de ene kant, maar aan de andere kant de bijna onbedwingbare behoefte om te verzamelen en voorraad, zekerheid en comfort te creëren, want je weet immers niet wat nog komt. Oorlog misschien? 

Hoe zou ik omgaan met bezit als het misgaat in deze maatschappij? Is dan die stoffige hanglamp en dat keurige kastje nog steeds oninteressant en rijp voor de uitdragerij? Als we in een wereld terechtkomen waarin de online bestellingen uit Azië en andere werelddelen niet meer mogelijk zijn, dan ga ik wat er nog in ons schuurtje staat misschien wel anders bekijken. Het worden ruilmiddelen, het wordt een kans om te overleven, of om iets te betekenen voor een ander. Ik begin de onverkochte items nog eens na te lopen en bedenk een functie voor ze in tijden van schaarste. Dit bevalt me wel, er ontstaat een nieuwe hechting aan de oude dingen. Het is nog geen oorlog nee, hopelijk blijft dat zo. Maar ik ga voorlopig aanspullen. 

Luistertip: Our house, Crosby Stills Nash& Younghttps://youtu.be/aunVlekXjkE?si=kjBN2qahxLFw2qBv

Ton doet aan Aanspullen

Informatie van de infobalie

Informatie

‘Wist u dat Vlieland tot 1942 bij de provincie Noord Holland behoorde’, vraag ik de mevrouw van de informatiebalie. Ik besef dat het een tricky openingszin is richting de infobalie mevrouw. Ze heeft nogal een strenge uitstraling, wat nog eens versterkt wordt door het statige marineblauwe pak. Het is een uitstraling die op betrekkingsniveau aangeeft om vooral niet (met haar) te dollen. Mijn opmerking in vragende vorm balanceert gedurfd tussen vraag en mededeling en het is maar een dunne lijn richting het gevoel niet serieus genomen te worden. Zij kijkt mij met een mengeling van verbazing, verwardheid en lichte ergernis aan. Ik vraag mij af welke emotie gaat winnen en of er een samenvattend woord is voor deze drie losse aanduidingen. ‘

‘Wat kan ik voor u doen’, zegt ze beroepsmatig beleefd. Deze aardige zin valt in het water door haar scherpe intonatie. Dit gesprek is nu al failliet besef ik. Vredelievend zeg ik dat ik nu meen te begrijpen dat het dus alleen om informatie gaat met betrekking tot de boot- reis. ‘Ook bijvoorbeeld voor een aspirientje’, zegt ze nu meer bereidwillig (?) terwijl ik weer richting bankjes loop.

Weekend Vlieland 

Het is vrijdagmiddag en we zitten op de boot naar Vlieland.

Vier vrienden van de vijftallige vriendengroep ‘Mannen Onderweg’ nemen plaats in het knusse bankjes gedeelte achter de infobalie.

Deze balie intrigeert ons. Er zijn verder geen aanwijzingen. Alleen de kale rechthoekige infobalie met het bordje informatie en de strenge mevrouw achter de computer in haar marineblauwe pak. Ze heeft een computer waar ze op kijkt, een microfoon en er hangt boven haar een tv scherm. Deze laat ons reclame zien. Waarschijnlijk alleen over de boot (reis) en af en toe verschijnt er realtime waar de boot zich tussen vaste wal en Vlieland bevindt.

Engel

Ik sluit even mijn ogen, verscholen achter de krant. Want vier mannen voor een lang weekend en bijna 24/7 bij elkaar kan naast heel erg gezellig ook nogal wat energie vragen. Ik voel dat ik wegglijd richting een kabbelende droomtoestand. ‘Er staat een engelachtige verschijning achter de informatiebalie. Ze strijkt haar prachtig lange goudblonde haar gracieus naar achteren en zet vervolgens de microfoon aan om ons liefdevol en met een fluweelzachte stem te verwelkomen op deze bijzondere boottrip.

Onze blikken kruisen elkaar een kort moment, waarop ze innemend naar mij glimlacht en toevoegt dat we vandaag speciale gasten aan boord hebben.

Ze wenst ons allen en in het bijzonder de vriendengroep ‘Mannen onderweg’ een fijne ontspannen reis en alvast voor straks een heel bijzonder en prettig verblijf’.

Ik kijk even verbaasd om mij heen of anderen ook van slag raken, want deze verschijning is zo oogverblindend mooi en haar stem hemels. ‘Dit is niet normaal, deze liefdevolle verschijning kan niet van deze wereld zijn’, besluit ik. Als ze zich even omdraait zie ik op haar gracieuze rug toch geen engelen vleugels. Maar ik vermoed toch dat ze niet van deze wereld is.

‘Of zie ik dit als enige’, vraag ik mij in vervoering geraakt af, want iedereen aan boord lijkt met zijn of haar aandacht bij gewone aardse zaken, zoals eten en drinken, de krant of een tijdschrift, in gesprek met elkaar of verdiept in de eigen telefoon.

Al is dat laatste gelukkig ver in de minderheid. Ik vind het namelijk vaak zo’n hoog sneuheidsgehalte als mensen met elkaar uitgaan en vervolgens vooral langere tijd naar het eigen scherm staren in plaats van in contact met elkaar te zijn.

Staren

Ik besef dat ik nu ook naar haar aan het staren ben. Weliswaar niet naar het scherm van mijn telefoon, maar naar de hemelse verschijning achter de informatiebalie.

Ik zit behoorlijk dicht bij haar in de buurt en kan haar naam op het naambordje lezen. Angelique staat er. Dat klopt helemaal, want haar naam betekent bode van God. Ik zit dus goed met mijn denkrichting richting Engel.

Mysterie 

Er is hier op de boot naar Vlieland iets bijzonders aan de hand en niemand schijnt het door te hebben.

Als in een trance loop ik naar de balie en vraag of ik iets mag vragen. ‘Uiteraard’, zegt ze met een innemende glimlach. Haar stem is nog melodieuzer nu ik op nog geen halve meter van haar afsta met alleen nog de informatie desk tussen ons in.

‘Over welk onderwerp zou je meer informatie willen hebben Tonie’, vraagt ze en buigt zich nog iets verder naar mij toe. 

‘Je doet me opeens zo denken aan mijn vriendin’, hoor ik mijzelf in een soort tranceachtige toestand zeggen. ‘Wat is de betekenis daarvan en waarom lijk jij zoveel op haar’? 

‘Dit is mijn boodschap vandaag voor jou Tonie. Besef waar het vooral om gaat’. ‘Liefde is puur en ook breekbaar’. 

Ik vouw de krant op en stuur een lief berichtje naar mijn lieve vriendin en bied de mannen aan om koffie te gaan halen.

Luistertip: Angel, Sarah McLachlan https://youtu.be/i1GmxMTwUgs?si=pJsAVfjSxm4BXivM

Quote: And the winner is LOVE

De infobalie, een thriller

Het Muziekhuis050 optreden

Muziek met Passie, plezier, gedrevenheid, verstilling 

Tien jaar geleden ontdekte Tanja de cello. Ooit speelde ze blokfluit. Dit was verplicht tijdens de muziekles op haar school. Ze voelde geen verwantschap met deze uiting van tonen op het stukje hout met gaatjes en ze nam langere tijd afscheid van het bespelen van een muziekinstrument.

Tot tien jaar geleden. 

Ik ben benieuwd wat er toen gebeurde. Wat was de aanleiding van Tanja om te kiezen voor een cello? 

Was ze op een dag aan het stofzuigen en kreeg ze ineens een sterk intuïtief gevoel voor het willen bespelen van dit instrument? Of kwamen de tonen van de cello haar bezoeken tijdens een droom? Of keek ze bij toeval naar een concert en raakte de vrouw met de cello een gevoelige snaar bij haar? We weten het niet.  ‘Dit wil ik ook’, dacht ze en besloot haar overtuiging dat je alles kan worden wat je maar wil in praktijk te gaan uitvoeren.

Tienduizend uur

Dit was het begin van de beroemde ‘tienduizend uur’- regel om een gerenommeerde cello speler te gaan worden.

De weg was lang, hobbelig met soms een  ravijn, maar ze ging stug door met oefenen op weg naar het doel van het ‘Zijn’ van een celliste.

Haar diepste ‘ravijn’ was een optreden enkele jaren geleden, waarbij haar handen dusdanig begonnen met trillen, dat spelen niet meer mogelijk was.

Gelukkig kon ze goed luisteren naar de wijsheid van haar lichaam en de bijbehorende niet helpende verhalen tackelen. Daarnaast kwam ze sterker dan ooit uit dit ‘ravijn’. Ze had namelijk ontdekt dat deze een vriend bleek te zijn, een ultieme richtingwijzer naar zichzelf.

Spreker; angst en passie

Zelf heb ik een vergelijkbare ervaring van optreden met spanning. Ik ben ‘spreker’, maar mijn allereerste openbare spreekbeurt was in mijn beleving nogal rampzalig. Ik kon nog wel redelijk goed spreken, maar de spanning uitte zich vooral in trillende handen, wat op zich niet zo’n probleem was. Maar wel in combinatie met de te droge mond, waardoor ik het glas water dat voor mij stond dringend nodig had. Ook mijn lichaam had mij iets te vertellen waar ik mij op mocht richten. Ik ben erachter gekomen dat je lichaam je niet waarschuwt om het vooral niet te doen, maar je erop wijst dat je hier nog wat persoonlijk ‘schaduw’ werk te doen hebt.

Mijn dorst leste ik uiteindelijk door met twee handen het glas water tot mij te nemen en het mentale stuk loste ik ter plekke op door te benoemen dat ik wat zenuwachtig was en… daarmee was het plotseling verdwenen.

Terug naar Tanja en haar muzikale roeping

Tanja zit met haar tien jaar waarschijnlijk allang boven de vereiste 10000 oefen uren om te excelleren in het hanteren van dit instrument.

Optreden

Daar zaten we met vrienden en familie , zoveel mogelijk vooraan in de concertzaal, weggezakt in het rode pluche. We genoten volop van Bach, Beethoven, Handel en Mahler vertolkt door het enthousiaste Orkest050. Dit onder bezielende leiding van de internationaal befaamde dirigent Rani. Hij bracht met zijn vooral helpende en gedreven houding de muzikanten, publiek en zichzelf mee naar ongekende hoogten, daar waar we nog niet eerder waren geweest.

Ik zag enthousiaste en professionele muzikanten, maar mijn blik werd voortdurend getrokken richting een blonde engel, een celliste pur sang. Ze speelde vanuit haar hart en ziel en het leek alsof zij met haar instrument alle bestaande emoties tot leven bracht in dit moment. Haar cello vertelde onder begeleiding van haar bovennatuurlijke sturing een eigen verhaal over compassie, verbondenheid en liefde en bracht ons allen een moment thuis.

Hemel

De laatste klanken van het optreden stegen langzaamaan omhoog, naar buiten, de oneindige hemel in. Ik kwam gedeeltelijk uit mijn trance bij de staande ovatie en liep aangenaam geraakt naar het café om te landen, want we waren met elkaar ver weg en toch ook even heel dichtbij geweest.

Mensen van het ensemble 050, bedankt voor deze mooie avond.

Luistertip: “Cello Suite No. 1 in G major, BWV 1007 – Prelude” van Johann Sebastian Bach, uitgevoerd door Yo-Yo Ma.https://youtu.be/6CegPCzP5HA?si=bHqA2ftOq0skp7lc

Overflow

Overflow (Niek Roerdink)

Het is een tijd van overvloed. Een overvloed aan informatie, prikkels, spullen, sushirestaurants, et cetera. Maar voor alles wat je hebt, is het nooit genoeg. En ‘het is nooit genoeg’ is nogal een themaatje onder ons mensen, hè?

Er moet altijd weer iets verbeterd. Is je tuinprojectje klaar? Dan kun je door met de nieuwste iPhone. Heb je die binnen, mag je verder met boek 37 over zelfontwikkeling. En als die uit is, dan pak je door met de nieuwste trend: ‘yogic-hark-bodypump-buitendansen’ — waarbij je én traint, én één wordt met de natuur, én alle trauma’s uit je cellen blaast terwijl je harkt. Dus het is ook nog eens goed voor de tuin!

(Y-H-B-B is nu een trademark van mij trouwens, alle rechten voorbehouden.)

Ja, alles moet altijd verbeterd worden, maar dat ‘verkeerd’ noemen is dwaas, denk ik. Het zit in de mens om te willen verbeteren en groeien. Alleen: nu ons systeem continu in overflow zit, is het misschien tijd om te erkennen dat het te veel is.

Ons arme brein is er niet op gebouwd. Die miljard prikkels die worden afgevuurd, de stress die in het lichaam wordt gestopt en ‘eten’ of ‘gezellig doen’ genoemd wordt… of de eenzaamheidscrisis waarin we samen zitten.

Samen zitten eenzaam zijn.

De oplossing? Laten we het een keer niet over de oplossing hebben. Want als je oplossingen hebt, heb je ook problemen. Dus laten we het over iets anders hebben. Over kikkers!

Wist je dat kikkers cool zijn? Ze zitten op lelieblaadjes en springen wat rond. Ze kunnen zo een hele dag op één plek blijven zitten.

Wees een kikker. Zit eens stil.

Luistertip: Linking park – overflowhttps://youtu.be/qaMxFaIZiKY?si=yDjiE6R66XbV20tP

Overvloed

Broodje Heerlijk Emma (BHE Restaurants)

Het is vakantie en er komt een berichtje van onze nicht Debra binnen op whatsapp: 

‘Lieve familie, 

Emma nodigt jullie graag uit a.s. woensdag voor lunch. Een ‘broodje Heerlijk’ staat op het menu en zelfgemaakte ice tea. Jullie zijn vanaf 12:30 welkom. 🤗’

Leeftijd 

Na een check blijkt het volgende; 

Emma is al 9 en wordt eind mei 10. Ze heeft een passie ontdekt en dat is koken, bakken, het bereiden van speciale maaltijden en culinaire events organiseren. Tenminste dat is mijn aanname. Ik kom op de fiets en tref Emma en haar broer in de tuin. Ze is net bezig om het pas aangelegde kruidentuintje van het nodige water te voorzien. 

Ik doe een 80/20 gezondheidscheck en geef vervolgens beiden een zak drop en een chocoladereep. Deze worden direct in veiligheid gebracht. Mijn pedagogisch bedoelde opmerking om het opeten hiervan in overleg met hun moeder te doen, wordt zo blijkt later, afgeserveerd.

Emma en haar broer Liam dekken de tafel en verdwijnen weer in de keuken om de broodjes Heerlijk met ingehuurde hulptroepen in gereedheid te brengen.

Emma’s Place 

Ik mag alvast plaatsnemen aan de lange tafel in de tuin. Hier in het voorjaarszonnetje dommel ik wat weg in droombeelden van de topkok Emma. 

‘Ik lees een indrukwekkend interview met de volwassen Emma met de Volkskrant. Over hoe het allemaal op haar 9e begon met het idee van het broodje Heerlijk. Over haar ouders die vonden dat ze eerst de lagere – en middelbare school moest afmaken. Over haar latere keuze voor ‘s werelds beste culinaire opleidingsinstituut Le Cordon Bleu Paris, dat elk jaar maximaal 1000 studenten verwelkomt.

Haar fameuze ‘Broodje Heerlijk’ bleek een ticket om tot deze opleiding te worden toegelaten. Het ‘Broodje Heerlijk’ heet tegenwoordig BHE (Broodje Heerlijk Emma). Tegenwoordig zijn overal in Europa haar  BHE restaurants te vinden.

Ondertussen is BHE door de World Culinary Awards uitgeroepen tot heerlijkste en meest fantasierijke broodje van Europa.

Wereldtop 

Emma behoort ondertussen tot de tien rijkste topkoks van Nederland en wordt wereldwijd steeds meer gevraagd voor adviezen en voor allerlei talkshows. Niet alleen voor advies over culinaire uitdagingen, maar vooral ook voor adviezen rondom het management van haar restaurantketens. Ook wordt ze geprezen voor haar briljante kookboeken.

‘Alles wat ze aanraakt verandert in goud’, lees ik verder in het artikel.

‘Uiteraard zijn mijn ouders er nog steeds voor mij’, legt ze uit en vervolgt dat Tonie, bekend van toniesleefstijl, toniescolumns en toniesPodcasts, haar onbedoeld die middag op het spoor van haar succes had gezet.

Ik ben aangenaam verrast en lees verder: ‘Tonie nam die middag zoete drop en melk- en puur chocolade mee en plaatste een opmerking over 80/ 20’. ‘Dit bracht mij op het idee om nog creatiever te worden met Broodjes Heerlijk’. ‘Ik blijf Tonie voor altijd dankbaar voor zijn geste die middag’, vult Emma aan. ‘

Wakker

‘Oom Anton, wordt wakker’, roept Emma en tikt mij op de schouders. ‘Je broodje Heerlijk staat allang klaar’.

‘Oh sorry, ik was in slaap gevallen’, zeg ik en kijk naar het overheerlijke Broodje Heerlijk van onze kleinnicht Emma.

‘Het was Heerlijk’, zeg ik even later als ik weer op de fiets stap. ‘Misschien een vervolg? ’, probeer ik en kijk haar vragend aan om te testen of mijn dagdroom realistisch was.

Ik hoorde niet goed wat ze toen zei, ze had haar mond vol drop en ze danste ondertussen alweer richting een volgende uitdaging.

Luistertip: go your own way, Fleedwood Machttps://youtu.be/oiosqtFLBBA?si=YeYzAelr79DdlZzm

Quote: volg vooral je eigen pad, duik in het avontuur

Bij twijfel weggooien (Peter van der Kooi)

De kassières van de plaatselijke supermarkt en ik kennen elkaar al jaren. Ze zijn aardig, we noemen elkaar bij de voornaam en vertellen elkaar wel eens iets. Wat ze niet onthouden is mijn standaard reactie op de vraag of ík spaarzegels wens voor pannen, mokken of plantjesplezier. Dat wil ik niet. Ik red me prima met wat ik heb en word liever verlost van bezit. Cadeaus van ex vrienden, boeken die mij niets (meer) zeggen, huiskamerdecoraties die vloeken met nieuwe aanschaf: het mag de deur uit.

Ik hou van opruimen en kan het ook goed. De regel ‘bij twijfel weggooien’ past bij mij en het is overzichtelijk in mijn huis. Dat komt mede omdat ik alleen woon. Het liefst zou ik ook willen opruimen bij mijn vriendin.

Ze heeft te veel spullen, vooral in de keuken. Tientallen kookboeken, ook oudere, zware exemplaren in meerdere talen liggen geklemd tussen hoge keukenkastjes. Mijn liefste kijkt er niet in. Ze neemt folders mee van Albert Heijn, of zoekt naar menu’s op internet. Ik heb geen enkel kookboek. In diezelfde kastjes liggen ook teveel borden die niet bij elkaar passen. En ik heb nog nooit een besteklade gezien met zoveel schilmesjes.

Digitaal opruimen vind ik ook belangrijk, maar ik doe het niet meer. Hierbij overheerst angst. Ik heb meerdere documenten op mijn werk gearchiveerd maar kan ze niet terugvinden. Er zijn teveel mappen, oude en nieuwe.

Belangrijke stukken print ik altijd. Op kantoor heeft lang ‘digitaal rijbewijs halen’ op mijn to-do lijst gestaan, maar ik zag er tegenop me hierin te verdiepen. Wel heb ik onlangs handiger collega’s gevraagd of het digitaal rijbewijs belangrijk is. Ze zeiden van niet en ik heb het item van mijn actielijst gehaald.

Sommige dingen kosten niets maar zijn veel waard. Lang geleden deed ons gezin al aan ontspullen, Eenmaal per jaar op – toen nog – Koninginnedag. De term ‘Ontspullen’ werd nog niet gebezigd en financiële winst was op zo’n dag het belangrijkste voor de kinderen. Ze konden dezelfde dag dan nog speelgoed kopen. Op Koningsdag moet ik wel eens denken aan de man die een keer staand naast zijn fiets ons kleedje met spulletjes op het Bernouilleplein in Groningen bestudeerde. Hij vroeg mij wat ik het mooiste vond op het kleedje. Ik wees een ingelijst tekeningetje aan gemaakt door mijn oudste zoontje.

‘Wat kost dat’, vroeg de man. Ik noemde het bedrag, hij gaf mij vervolgens het geld en zei dat ik het portretje zelf moest houden en niet mocht verkopen. Ik heb het nog steeds en het hangt bij mij thuis aan de muur.

Als er door jou kinderen worden geboren heeft dat nogal gevolgen. Jonge ouders kopen veel voor hun lievelingen. De kleintjes mogen niets tekortkomen. En zodra ze toegang hebben tot financiële systemen kunnen ze de wereldmarkten afstruinen. Ik heb geprobeerd dit effect te dempen door in de jaren negentig van de vorige eeuw bij de overheid te gaan werken als beleidsmedewerker afvalpreventie. Ik heb mijn best gedaan.

Luistertip: Jack Johnson, The 3 R’shttps://youtu.be/USo_vH1Jz7E?si=s-SyYp2LaBPQy2HF

Verbranding van ons restafval in Wijster

Herdenken in bloeimaand mei

Natuur

Het is begin mei. De natuur heeft zich, na een behoedzame start, nagenoeg geheel ontvouwd met al zijn kleurrijke en explosieve kracht, lenigheid en enthousiasme. De rest van de maand mag het voluptueuze groeien en bloeien op volle kracht doorgaan, waarbij de wat tragere en bedaarde eik en beuk ook hun bladeren het levenslicht zullen laten zien.

Herdenken 

Tegelijkertijd staat mei ook voor het actief herinneren en herdenken van overheersing, terreur, genocide, verdriet, verontwaardiging en ongeloof over datgene wat bij ons heeft plaatsgevonden.

‘Dit nooit weer’ is een understatement. Het geweld om ons heen gaat onverminderd door. 

Ik bezoek met familie het Nationaal Monument Kamp Vught en ben diep geschokt terwijl ik bij het gedenkteken sta ter nagedachtenis van de 1296 joodse kinderen die vanuit het toenmalige Kamp Vught naar Sobibor werden overgebracht en vermoord. Het gedenkteken op het terrein met alle namen inclusief leeftijd (peuters, kleuters, kinderen) doet mij nog dieper de gruwelijkheden beseffen die hier hebben plaatsgevonden. De gids vertelt dat de kinderen in het kamp direct van hun ouders werden gescheiden en in een aparte barak gedumpt. Het moet een tijdloze hel zijn geweest. De stilte hier op het terrein met een milde voorjaarszon werkt als een therapeutisch hulpmiddel om het nog enigszins te kunnen verdragen.

Gedenkteken

Hier bij het gedenkteken gaan mijn gedachten ook naar de genocide van alle onschuldige burgers; mannen, vrouwen en kinderen in Gaza. 

Hier bij het gedenkteken denk ik ook aan alle omgebrachte onschuldige burgers; mannen, vrouwen en kinderen in Oekraïne en ook aan al diegenen die gevangen zitten in een systeem en zich niet kunnen en durven te uiten, omdat het levensgevaarlijk is.

Reflectie 

Even voel ik moedeloosheid opkomen, want de geschiedenis herhaalt zich steeds weer op nieuwe plaatsen, op andere manieren en met altijd weer hetzelfde traumatische resultaat.

Troost

Het is begin mei en ik zoek troost tijdens de wandeling door het heerlijk geurende ontluikende bos en verlang intens naar vrede en liefde in mijzelf en om mij heen.

Luistertip: Iron sky, Paolo Nutinihttps://youtu.be/ELKbtFljucQ?si=6SjBUBNqNE0HBypv

Stilstaan bij doden (De Fusilladeplaats)

Ontspullen

Op de ‘rommelmarkt’

De telefoon gaat en mijn neef Ton is ‘aan de lijn’. Hij vraagt of we zin hebben om gezamenlijk spullen te gaan verkopen op Koningsdag in Vries, op de binnenplaats van hun huis. 

Ik verruil mijn passieve ‘bankhangpositie’ van later op de avond naar een actieve en betrokken zithouding. Ik ben gelijk weer alert. ‘Ik heb er zin in’, zeg ik tegen Ton.

Allereerst bedank ik hem dat hij mij belt. Het is ook wel weer eens prettig om een stem te horen en met elkaar te converseren in plaats van heen en weer te typen op een klein schermpje en te wachten tot de definitieve tekst van ‘… schrijft’ in het scherm zichtbaar wordt.

Ik leg enthousiast uit dat ik ‘toevallig’ onlangs net bezig was om mijn kantoor thuis eens op te gaan ruimen. Ik ben namelijk aan het ontspullen. 

Wie wil ik zijn

Binnen een kwartier had ik al veertig boeken aan de kant gezet. Te koop, te geef, het maakt niet zoveel uit, wat maar op mijn pad komt. Het zijn allemaal boeken over teamcoaching en veel bemoedigende zelfhulpboeken. Als coach heb ik er veel gebruik van gemaakt. Uiteraard ook voor mijzelf, want wat je geeft is vooral datgene wat je zelf wil (leren), denk ik met tegeltjes wijsheid. Alleen ben ik ondertussen al langere tijd niet meer werkzaam als (team) coach en leidinggevende. Ik besef dat het niet meer past bij wie ik wil zijn. Het sorteren zelf al geeft een prettig gevoel van definitief kunnen afsluiten. Het wegdoen is het allerlaatste zetje om definitief afscheid te nemen van een rol, een functie, een identiteit van weleer.

De opruimadviseur Marie Kondo  zou mij complimenteren voor deze innerlijke ordening.

Ik heb ooit een opruimboek van haar gelezen en het allerbelangrijkste advies uit dit boek vond ik ‘Maakt het mij gelukkig als ik dit voorwerp vasthoud?’

Het boek heb ik niet meer; de vraag gaf het antwoord. Het had zijn werk gedaan.

Vriendin

Ik probeer mijn lief ook te enthousiasmeren voor een boeken opruimsessie. ‘Ik heb een band met alle boeken’, spreekt zij bondig en met overtuiging uit.

Ik sta voor de grote imposante boekenkast in onze woonkamer, klim op een stoel en grijp bovenin naar het meest stoffige boek.

Leerboek der opvoedkunde (1970) en lees zomaar  een zin hardop aan haar voor waar mijn blik op valt.

‘Bedenken wij dan, dat het pasgeboren mensenkind zich niet eens van de ene zij op de andere kan keren, dat het aan de borst gelegd moet worden, dan is zijn hulpeloosheid werkelijk verbazingwekkend’.

Ik stel haar de wondervraag van Marie Kondo.

Het blijft even heel spannend stil en dan verdwijnt het boek in de doos om mee te nemen naar de rommelmarkt.

Luistertip: Let it go, James Bayhttps://youtu.be/GsPq9mzFNGY?si=bR3H_iadxEo3TxVr

Tonie ruimt op.

Van angst tot geluk – Overleven in een gepolariseerde wereld

Van Angst tot Geluk – Overleven in een Gepolariseerde Wereld

We leven in een tijd waarin ‘angst’ nu al het meest gebruikte woord van 2025 dreigt te worden.

We zijn bang voor wat er eventueel komen gaat, voor wat we mogelijk kunnen verliezen en die angst zorgt voor steeds meer vervreemding van elkaar. 

Het nieuws en alle social media maken het er niet beter op. Het voelt als een onophoudelijke reeks zweepslagen die hoop en tegenstand moeten breken en teveel pijn doen. We proberen ons eerst nog te verzetten, maar dreigen uiteindelijk weg te zakken in een mix van apathie, vermengd met haat, angst of onverschilligheid. Polarisatie is niet langer een abstract begrip. Het zit verweven in onze dagelijkse gesprekken. Het gaat over ‘wij’ tegen ‘zij’ en ‘goed’ en ‘fout’.

Maar gelukkig hoeft angst en polarisatie niet het eindstation te zijn.

Temidden van het dagelijkse gebeuk van slecht nieuws heb ik gelukkig elke dag weer opnieuw de keuze hoe ik mezelf ertoe wil verhouden. Het gaat niet over het ontkennen van alle ellende, het gaat vooral ook over wat ik wel kan doen voor mezelf en de ander. 

Verbondenheid 

Focus vooral ook op plezier maken met elkaar, geniet van vriendschap en een onverwachte ontmoeting. Een glimlach van een vreemde, een leuk gesprekje in de sportschool, op het werk, of in de winkel. Dit zijn momenten waarop we ons verbonden kunnen voelen met iets groters dan onze verschillen. ‘En als het schuurt’, hoor ik mijzelf  in gedachten afvragen. Dan zijn juist humor, relativering en het besef dat er een verhaal achter een mening of overtuiging zit, vooral ook belangrijk om te beseffen. 

En daar ligt het zaadje voor geluk en welbevinden. Niet het geluk van perfectie of probleemloosheid, maar het besef dat we zelf kunnen kiezen hoe we kijken en vooral ook handelen. Dat we dagelijks ruimte kunnen maken voor empathie. Dat we, in onze dagelijkse contacten, kunnen luisteren zonder direct te oordelen. Positief zijn is geen naïviteit, het is een moedige keuze en hard nodig. Het is bewust kiezen om je niet te laten meesleuren door polarisatie, maar om blijvend te focussen op wat ons verbindt.

De wereld zal altijd schommelen tussen angst en euforie. We leven in een wereld van dualiteit. Waar leg jij de focus op?

Luistertip: Same Love – Froukjehttps://youtu.be/AXAjP7pgjvc?si=CmVnaEzzAmb0JEdB

Overdenking: stel je een vraag, of zit deze al verpakt in jouw mening? 

Heeft u een toverstokje?

Over de kracht van taal

‘Het is gelukt’, denk ik opgelucht en leg  de baguette op de keukentafel van het vroeg 17e- eeuws gebouwde vakantiehuis. Het is ochtend en ik heb net dit broodje bij het plaatselijke café in Jouhet (in het departement Vienne te Frankrijk) gekocht.

Deze enige voorziening in het dorp doet dienst als café, restaurant en je kunt er ‘s ochtends vanaf tien uur stokbrood halen. Verder zijn er ook sigaretten te koop. Deze service wordt verleend omdat er geen andere voorzieningen hier aanwezig zijn en de dichtstbijzijnde winkel tien kilometer verderop ligt.

Vakantie 

We genieten intens van een zonnige vakantieweek in een heuvelachtig en vooral leeg plattelandsgebied in midden Frankrijk. Ik herontdek wat echte stilte is en wat bij zonsondergang duisternis betekent. Alsof het dorp een soort camping is, staat er bij het bordje ‘Jouhet’ vermeld dat het hier stil moet zijn tussen 22 en 06.30 uur. Het is net alsof ze er overdag al voor oefenen, want op enkele huishoudelijke activiteiten met geluid na, is het hier stil. 

Ik hou van Frankrijk en kom er al mijn hele leven regelmatig. Ik hou ook van de beroemde ‘Franse slag’. Hier mag alles nog schots en scheef staan, mogen kozijnen afbladderen, deuren kraken, mogen tuinen droog, dor en er niet optimaal onderhouden uitzien. Hier is de ‘keurigheid’ gelukkig ver in de minderheid. ‘Ze zijn hier niet zo precies, behalve met de taal’, overdenk ik en deel mijn ochtend beleving met lichte verontwaardiging.

Baguette

‘Avez vous un baguette’, probeer ik in mijn dapper Frans, waarmee ik denk te vragen ‘ heeft u stokbrood‘?

‘Quoi’? (Wat?) vraagt het meisje en ik meen een behoorlijke verbazing vermengd met achterdocht bij haar te bespeuren.

Ik vertel mijn vriendin dat ‘ze’ toch wat creatiever en een beetje meer inlevingsvermogen met taal mogen hebben en geef het voorbeeld dat een buitenlander bv het woord ‘stoel’ een beetje ongelukkig uitspreekt. ‘Ik kan dan in de context zeker wel opmaken dat het om een ‘stoel’ gaat’, zeg ik enigszins geagiteerd.

Heeft u een toverstokje 

Ik besluit op enig moment het toch te checken via een vertaalprogramma op mijn telefoon en tot mijn stomme verbazing had ik het meisje niet om brood gevraagd.

Avez vous un baguette betekent ‘Heeft u een toverstokje’? Of met Frans – Gronings dialect ‘Heeft u een bankje’?

Nu begrijp ik waarom de oudere dame van de zaak erbij gehaald werd.

Uit mijn Mavo Frans komt gelukkig nog het woord ‘pain’ (brood) bovendrijven, dat ik dit keer maar zonder toevoegingen de ruimte in slinger. Even later verlaat ik het pand met un baguette onder de arm.

Ik groet nog vriendelijk met een ‘fijne dag’, of had ik per ongeluk ‘fijne reis’ als  afscheidsgroet gezegd?

‘Vreemde taal’ mompel ik en besluit toch maar om na al die jaren Franse les te gaan nemen.

Luistertip: Ne me quitte pas, Jacques Brel